Nieuw Zeeland

Kia Ora lieve mensen,

Daar zijn we weer na zes prachtige weken Nieuw Zeeland. Het land waar ze meer schapen dan mensen hebben en waar de natuur mooier is dan welk plaatje dan ook. En dan te bedenken dat we bijna onze vlucht gemist hadden omdat onze reisorganisatie onze vlucht niet volledig had ingeboekt, bedankt World Ticket Center. Werkelijk het hele vliegveld in Cairns (Australie) werd in werking gezet om ons het vliegtuig te laten halen. Schiet niet echt op als dan ook ineens het computersysteem uitvalt. Uiteindelijk 2 minuten voordat de gate zou sluiten te horen gekregen dat we konden gaan boarden om 6 uur later neer te dalen op Nieuw Zeelands grondgebied, en wel;

Het Zuidereiland

Wat betreft de lokale bevolking van NZ (Kiwi's) ten opzichte van Australie (Ozzies) is er weinig verschil. Iedereen is erg vriendelijk en behulpzaam. Wat betreft de singalen langs de weg m.b.t. alcoholgebruik en te snel rijden zijn hier nog weer een stuk harder dan in Australie. Elk verkeersbord komt er wel op neer dat te hard rijden je fataal wordt. Een voorbeeld is een billboard met een snelheidsmeter waarbij het pijltje een kruis is.

In tegenstelling tot wat een hoop mensen denken is het hier winter. Ja, je leest het goed. De seizoenen zijn hier precies het tegenovergestelde van ons immers wat opgewarmde kikkerlandje. Winter is hier gelukkig wel anders dan in Nederland. Zo wordt het overdag regelmatig een graad of 14/15 met een lekker zonnetje, maar ‘s nachts koelt het erg af. Het ergste wat we gehad hebben is  0 graden, maar vaak is het rond de 7. 

Maar goed. We horen jullie denken.. Hebben jullie nou al dolfijnen en walvissen gezien?! Lees het antwoord verderop in het verhaal. We beginnen met dag 1.

Na het regelen van een campervan in Christchurch zijn we direct doorgereden naar Akaroa, een schattig Frans dorpje gelegen in een vulkaankrater, waar deels de zee in is gelopen. De route was een genot voor het oog. Doordat het hier herfst is is niet alles meer groen, maar begint ook alles een beetje geel/bruin  te worden. Met het zonnetje erop is dat dus allemaal goud. Een fantastische eerste indruk van het land! Onderweg hebben we een stop gemaakt bij een blauw meer tussen de gouden bergen om hier onze eerste nacht te spenderen en ‘s ochtends wakker te worden in een paradijs. Beter kun je je dag niet beginnen .

Op dag 2 zijn we teruggereden naar Chrischurch, een gezellige stad met ieders wat wils. Wij hebben hier even gezellig rondgewandeld, in een park gezeten en boodschappen voor de komende maand gekocht. Zo geef je in een paar dagen meer geld uit dan een maand in Thailand, maar dan heb je ook wel je eigen huis op wielen! ‘s Nachts weliswaar zonder verwarming, waardoor de temperatuur binnen de camper onaangenaam koud kon worden, maar met dikke pyama's was ons huisje helemaal compleet.

De volgende dag  zijn we doorgereden naar een kustplaatsje genaamd Kaikoura. Jaja, hij zit er aan te komen.... We hebben ze gezien! We zijn eerst een lange wandeling langs de kustlijn gaan maken, waar we ineens honderden zeehonden tegenkwamen. Hoe dichterbij je kwam, hoe harder ze gingen grommen, dus we bleven op ‘veilige' afstand. Ook spotten we een aantal albatrossen en andere mooie vogels. Helaas waren er aan de kustlijn geen walvissen en dolfijnen te zien, want zoals een wijs man ooit zei: 'Die beesten liggen niet te wachten tot Jordi en Sharon komen kijken'. Om het zekere voor het onzekere te nemen hebben we dus toch maar een tour geboekt om walvissen te bekijken. Je gaat dan op een boot (verrassend) met verschillende apparatuur om te kijken waar een walvis is. Is wel handig in zo'n enorme zee. Deze tour boekten we voor dag 4.

Al terug rijdend naar onze slaapplek zagen we een bordje staan met schapenscheershow. En je reis NZ is niet compleet zonder een schapenscheershow, dus gingen we een kijkje nemen. Bij aanvang vond Jordi de rondhuppelende hond interessanter, maar toen Sharon eenmaal het gereedschap in handen kreeg waarmee de schaapjes gecastreerd worden, hield hij toch alles nauwlettend in de gaten.

De volgende dag was het dan ein-de-lijk tijd voor de whale-watch tour en zo blij als een kind gingen we op pad. Al vrij snel zagen we een walvis, en wel een ‘spermwhale' van circa 15 meter lang. Erg indrukwekkend. Hij bleef zo'n 20 minuten op ongeveer 12 tot 15 meter van onze boot  spelen en zodoende hebben we een aantal mooie foto's kunnen schieten. Wat is dat indrukwekkend zeg! Alsof we nog niet genoeg spektakel hadden gehad, kwamen er ineens zo een honderd duskey dolfijnen naast onze boot zwemmen. En buiten het zwemmen deden ze allerlei kunstjes voor ons, salto's en andere fratsen, ook dat is te zien op de foto's. Zo bijzonder! Wat een schitterende dieren.

Hoe leuk en mooi deze dag geweest was, zo vervelend eindigde de dag met het vreselijke bericht dat een dierbaar iemand is overleden. Dat zijn van die  momenten waarop je je afvraagt waarom je juist nu ook alweer aan de andere kant van de wereld moet zijn.    

De volgende dag zijn we via een erg mooie, bergachtige route, genaamd de Lewis Pass, richting de westkust gereden. Onderwe g een aantal korte boswandelingen gemaakt en ‘s avonds wat films gehuurd en op de laptop bekeken (wat een aankoop!).
Na deze rustdag zijn we naar een gletsjer gereden, de Franz Jozef Gletsjer. Onderweg zijn we gestopt bij een gebied genaamd Hokitika Gorge, waar we een wandeling hebben gemaakt langs een rivier met water van de gletsjers. Ontzettend mooi, turquoise water, blijft toch een mooie kleur. Jordi was benieuwd naar hoe koud het water zou zijn en liep naar de rand van het water. Wat hij niet zag was dat het zand vloeibaar was, waardoor ons klungeltje tot zijn enkels in het water kwam te staan. Uit zijn gezicht was af te lezen dat het water kouder dan koud was en dat Saar moest rennen voor haar leven.

De volgende dag zijn we gaan hiken op de gletsjer. Een 8 uur lange hike, waarvan 5 uur lang met spikes onder onze boots op het ijs. Wat een ervaring is dat. We zijn door ijsgrotten en splitten geweest en maakten met onze ijspriemen ons pad.Tijdens een stop vertelde onze gids hoe je met twee ijspriemen een ijsrots kon beklimmen. Mocht wel niet van de organisatie, maar van de gids mochten we een klein stukje klimmen voor het gevoel. En toen de gids even, echt maar heel even, de andere kant op keek, zat Jorrepor bovenin de top op 5m hoogte, wat toch wel een beetje stijl was. Gevolg: gids in paniek naar boven om Jordje naar beneden te halen. Maar Saar, word je dan nooit moe van die jongen? Jawel.

Op dag 8 stonden we dan. We hadden overnacht op een camping in de middle of nowhere en what happened? De camper wilde niet starten.. Hulp gekregen van twee Duitse reizigers, maar ook zij konden het probleem niet vinden. Telefoon erbij om hulpdienst te bellen, maar we hadden helaas geen bereik. Gelukkig vonden we snel een publieke telefoon waarmee we konden bellen. Na een uur wachten, want ja, je zit in the middle of nowhere, kwam onze hulp. Wat bleek? Onze accu was leeg. Heel vreemd, want de lichten en de radio deden het nog en we hebben niks aan laten staan! Tijdens het wachten op hulp onze eerste kennismaking met een plaag genaamd zandvliegjes gemaakt. Zandvliegjes zijn nog vervelender dan muggen. Ze zijn in hele groepen, prikken door je kleren heen en de bultjes blijven langer zitten en jeuken nog meer dan muggenbulten.

Gauw door naar Fox Glacier. Leek een beetje op de gletsjer waar we een hike op hebben gedaan, maar is iets kleiner. Dit was de eerste dag dat we flinke regen op onze bol kregen en er waren dan ook een aantal korte hikepaden afgesloten vanwege overstromingen. Toch hebben we er nog twee kunnen doen. Eentje met een fantastisch uitzicht op de gletsjer en één rondom een meer waarin je (zonder regen) een mooie weerspiegeling hebt van Mount Cook en Mount Tasman.

De volgende dag was het nog steeds regenachtig en dat maakte onze rit naar het plaatsje Wanaka heel bijzonder. Er ontstonden namelijk allemaal watervallen in de bergen langs de weg. Gaaf! Daarna langs twee prachtige azuurblauwe meren, Lake Hawea en Lake Wanaka. Eenmaal in  Wanaka aangekomen zijn we naar ‘Puzzle-world' geweest. Een soort museum over optisch bedrog. Er was een groot doolhof en er waren een aantal zalen waarbij je in de maling genomen werd waar je bij stond. Scheve zalen, die eigenlijk gewoon recht zijn. Het kind kwam in ons los. ‘s Avonds zijn we hier naar de bioscoop geweest. Fantastische zaal met loungebanken en een auto. Rond vier uur ‘s nachts werd er op ons raam van de camper geklopt dat we geparkeerd hadden waar dat niet mocht en moesten verplaatsen.      

De dag daarop klaarde het weer op en hebben we in de ochtend een wandeling langs het meer met uitkijk op bergen met sneeuwtoppen gemaakt en in de middag zijn we een hike gaan doen. De hike duurde rond de vijf uur en was uitsluitend voor mensen met een goede conditie. Dat mag er wel bij vermeld worden. De route ging een 1600 m hoge berg op, via zigzagweggetjes (totaal 8 km) en continu omhoog. Goede training voor de kuiten. Eenmaal boven was het alles waard, want we hadden een 360 graden uitkijk over rode bergen aan de ene kant, sneeuwtoppen aan de andere kant, een groot stilliggend meer met kartgebergte en graslandschap. Na een uurtje uitpuffen op de top weer naar beneden. Dat zou dan toch sneller moeten gaan! En ja, dat ging zeker snel, gezien de graspaden nog nat waren van de voorgaande dagen.

‘s Avonds doorgereden naar Queenstown waar we dag 11 wilden spenderen. Behalve goedkope extreemsporten als bungeejumpen en paragliden, was hier verder weinig te doen. En met extreemsporten bedoelen we ook echt extreem. Zo extreem dat er een meisje met haar benen door het touw glipte en tijdens het bungeejumpen in het water terecht kwam. Queenstown was een klein, gezellig stadje, maar ‘s middags zijn we doorgereden naar Te Anau waar we weer eens lekker uit eten zijn geweest. 

Op dag 12 zijn we via een schitterende route, echt heel mooi, naar Milford Sound gereden. Milford Sound ligt in Fjordland en het is prachtig. Onderweg hebben we vele wandelingen gedaan, waardoor we pas tegen vijven op de plaats van bestemming kwamen. Hier hebben we een cruise geboekt voor de volgende dag. Op zich bracht de omgeving niet veel nieuws van wat we onderweg al gezien hadden, maar guess what? We hebben wéér wilde dolfies gezien! Dit keer waren het Bottlenose dolfijnen. De dolfijnen die ze ook in het Dolfinarium hebben.

Vervolgens zijn we twee dagen gaan touren via de Southern Scenic Route. Het gebied heet de Catlins en is het meest Zuidelijke punt (op een eiland na) van Nieuw Zeeland. Ook hier zijn we gestopt voor wandelingen (het landschap blijft gewoon zo mooi) tijdens een strandwandeling stuitten we ineens op een groep zeeleeuwen die we deze reis ook nog niet gezien hadden! Wij dachten dat zeehonden van zich afbeten, maar deze zeeleeuwen maakten nog meer indruk. Deze agressieve beesten laten je niet dichterbij komen dan een meter of 10/12. En ze zijn enorm, dus dichterbij wilden we ook niet komen.

Totdat Saar een gare zeeleeuw in zijn eentje zag liggen slapen. Saar wilde daar wel even mee op de foto dus ging vlak achter hem staan. Toen Jordi eenmaal klaar was met de foto nemen en Saar nog even een video-opname van dichtbij wilde maken, 'vergat' Jordi even dat het beest lag te slapen en liet hij een flinke boer. Jamie de zeeleeuw schrok wakker en draaide zich met een ruk om naar Saar die nog nooit zo snel weg is gerend. Maar Saar, word je dan nooit moe van die jongen? Ach.

Later op de dag, vlak voor zonsondergang hebben we vier zeer zeldzame geel-ogige pinguins het strand op zien komen na een lange vis-werkdag. Dit was erg leuk om te zien! Wat een wildlife he?!

Na dit Zuidelijke stuk en een stuk oostkust gingen we meer landinwaarts naar Mount Cook. De hoogste berg van Nieuw Zeeland, bijna 4000m hoog. We hebben hier weer een fantastisch mooie hike gemaakt. Met uitzicht op de besneeuwde toppen van Mount Cook, verschillende gletsjers en een meer met ijsrotsen. Ah, we zijn verliefd op dit land!

Als afsluiter van de dag zijn we naar Lake Tekapo gereden, een meer dat turqouise blauw is en helemaal stil ligt. We blijven het zeggen, schitterend.

Leuk weetje: Hoe komt het water in Nieuw Zeeland eigenlijk zo blauw? Het water komt vaak van de gletsjers en dat water vermengd met stukjes steen van de rotsen zorgt dat het licht op een andere manier weerkaatst wordt en dat geeft deze kleur.

Na Mount Cook en Lake Tekapo zijn we weer richting de Westkust gereden om nu het Noordelijke deel van het Zuidereiland te zien. We reden via Arthurs Pass. De route was heel mooi door bergen en met allerlei landschappen. Was weer ontzettend bijzonder.

Via de Westkust naar het Noorden kwamen we langs rotsen in zee die Pancake Rocks genoemd worden. Het is nog een mysterie hoe het komt, maar deze rotsen zijn allerlei lagen op elkaar wat een apart effect geeft.
Hierna gauw door naar Abel Tasman National Park. Helemaal in het Noorden van het Zuidereiland. In Abel Tasman bezochten we eerst een vers waterbron met het helderste water van de wereld. Alleen het water onder de ijskappen in Antartica is helderder.

Verder bezochten we een mooie waterval, een spookachtig bos en hebben we een korte wandeling langs de kust gemaakt. ‘s Avonds vroeg naar bed om de volgende dag vroeg op te staan voor een flinke hike van 23 km. Heuveltje op, heuveltje af. Toch nog een nadeel aan de landschappen van NZ. De hike ging langs de kust, door regenwoud, door graslandschappen en door duinen. Erg mooi. Gedurende onze hike vloog er steeds een heel leuk, klein vogeltje met ons mee met een hele grappige, grote staart voor zo'n klein vogeltje. Fanny Fantail. Gezelligheid kent geen tijd.

De volgende  dag via Nelson, leuke gezellige stad, door naar Picton waar we de veerpont naar het Noordereiland zouden pakken. Tijdens deze rit kwamen we één van de vele adelaars tegen die soms maar net op tijd weg vliegen. Dit keer had het roofdier de ingewanden van een possum in zijn mond die net aan niet onze auto raakten. Bah! In Picton heerlijk genoten van een stukje zalm, afscheid genomen van het Zuidereiland en ons klaargestoomd voor het Noordereiland.

De reis op de veerpont ging richting Wellington en was erg mooi. En wat denken jullie? Dolfijnen gezien!!! Dit keer een derde soort, de zogeheten Hector Dolphins. Dit keer waren ze wel ver weg, maar de pret was er niet minder om.

Het Noordereiland

In Wellington aangekomen hebben we contact opgenomen met een stel van onze leeftijd die we in Thailand hadden leren kennen, Monica en James. Zij woonden heel prettig midden in het centrum van Wellington samen met twee andere vrienden Tabbie en Hayden. Daarnaast waren er nog twee Franse vrienden van Monica (Lyne en Arthur) en een vriendin Lisa. Hiermee zouden we het weekend doorbrengen. Op zaterdagavond zijn we wezen stappen in Wellington. Heel leuk uitgaansgebied en met z'n allen was het supergezellig! De volgende dag hebben we lang uitgeslapen en zijn we samen met de Fransen naar een eiland geweest. Het eiland viel tegen, maar de boot ging pas 2 uur later weer terug, dus moesten we nog even wachten. ‘s Avonds lekker met z'n allen bij de Chinees gegeten en een lachwekkend spel gespeeld. Hints. Maandag (tweede pinksterdag voor jullie) zijn we naar een museum geweest. Het Te Papa museum. Een heel groot museum met onder andere een afdeling over hoe de aarde in elkaar zit, hoe vulkanen werken, over de Maori cultuur en een stuk over de onderwaterwereld. Zo lag er onder andere een enorme kolossale inktvis tentoongesteld. Heel indrukwekkend!

Dinsdag afscheid genomen en doorgereden naar Taupo waar de regendruppels helaas met bakken uit de hemel kwamen zetten. Hier zijn we naar een plek geweest waar sluizen werden geopend wat enorme versnellingen in het water teweeg bracht. Een prachtig effect van helderblauw water donderend door de beekjes van Taupo. Hierna zijn we naar ‘Craters of the Moon' geweest. Een veld met geisers, vulkaankraters en kokende modderpoelen. Interessant om te zien, maar daarna vlug onder de douche om op te warmen.

In Taupo hadden we graag nog een hike willen doen genaamd de Tongario Crossing. Deze hike leidt tot Mount Doom, een bekende omgeving waar Lord of the Rings is opgenomen. Heel gaaf om te lopen, maar de regen- en sneeuwval in dit gebied zorgde ervoor dat de hike niet toelaatbaar was. Dan maar een dagje richting het westen. Waitomo om precies te zijn. Hier heb je grotten (wel lekker overdekt) waar je de zogeheten ‘glowworms' hebt. Een soort larven die licht geven in het donker. Heel bijzonder om te zien, het leek net of je naar een sterrenhemel keek. Romantisch he? Tijdens de tour kregen we ook nog een ritje in een boot door de grotten, supermooi. Helaas hebben we er geen foto's van kunnen maken, omdat dat schade toe zou brengen aan deze natuur.

De regen in Taupo zou nog wel even aanhouden en dus besloten wij de Tongario Crossing voor ons volgende bezoek (over een aantal jaar) te bewaren en voet te zetten richting Rotorua. Een dorpje waar het stinkt van alle geisers en borrelende modderbaden. Onderweg zijn we gestopt bij Orakei Korako, een park met wederom vele geisers, kraters en modderbaden, maar dan een stuk actiever dan in Craters of the Moon. Omdat na dit park Rotorua ons weinig nieuws kon brengen zijn we meteen doorgereden naar de Bay of Plenty. Een kustlijn met een aantal vulkanen in de zee.

30 mei 2010: Sykdiven!! Het is dan eindelijk zover. ‘s Ochtends vroeg zijn we opgestaan om door te rijden naar het plaatsje Matamata, waar de hobbits uit Lord of The Rings wonen. Hier gaan we op zoek naar weer een nieuwe adrenaline kick en wel door uit een vliegtuig te springen van 3,5 kilometer hoog. Yihaaaa! En ja hoor, er was nog plek. Tja, dan kun je niet meer terug.. En weet je wanneer je al helemaal niet meer terug kan? Als je met je benen buiten het net iets te klein/ krappe vliegtuigje bungelt, terwijl je op het randje van het vliegtuig zit, die inmiddels al 3500 meter is gestegen. Maar dan die kick als je daadwerkelijk uit het vliegtuig springt! En vervolgens ruim een halve minuut een vrije val hebt waar je met 200 km per uur de grond steeds dichterbij  ziet komen. Saar had nog een extra gelukje dat ze geen rekening hield met de wind waardoor haar benen alle kanten op vlogen en ze dus een mooie sprong maakte met een driedubbele salto, flikflak achterover en een dubbele schroef. Jaja, van wie zal ze die lenigheid hebben? Na een halve minuut was het dan alleen nog maar genieten onder een parachute van de prachtige omgeving die wij vanuit luchtperspectief hebben mogen aanschouwen. Wat een ervaring. Geweldig.

Na deze fantastische ervaring zijn we doorgereden naar de Coromandel Peninsula. Schitterend gebied met een prachtige weg langs de zee. Echt geweldig. We reden onder andere langs Hot Water Beach. De naam zegt het al, je graaft een kuil en gaat in een heerlijk warm bad liggen. En wie stonden er op een groep reuze actieve Chineesjes na het hardst te graven? Jep, Duitsers. Met enorme scheppen gingen ze tekeer, om daarna lekker hun mooi gebleekte huidje te branden in een kokendheet badje.
Gelukkig hadden we deze dag nog mooi weer, want de volgende dag werden mensen gewaarschuwd om in huis te blijven i.v.m. hevige overstromingen.

En dat merkte wij op onze weg naar de Bay of Islands. Het kwam wederom met bakken uit de hemel zetten en op het moment dat we op het punt stonden om terug te keren, kwamen kennelijk de engeltjes weer op onze schoudertjes zitten. De lucht klaarde op en de rest van de dag hebben we een hele zonnige dag gehad, terwijl het in de rest van het land hoosde. Wat een geluk. De Bay of islands is zoals de naam zegt een baai, ook weer met turqouise blauw water, met allemaal eilandjes. Heel mooi. Hierna zijn we van de oostkust doorgereden naar de westkust waar ze enorme bomen hebben. Kauri bomen. Zo hebben wij een 51,5 meter hoge boom gezien en een boom met een diameter van 5m. Kan je het je al voorstellen? Echt enorm! Massaal gewoon.

Daarna door richting Auckland, onze laatste stad van Nieuw Zeeland. Hier hebben we verder niks meer gedaan wegens een telefoontje van het thuisfront. Geen Cook Islands meer, geen Amerika meer. Want er is maar 1 ding dat voor alles gaat en dat is familie en vrienden. En nu onze familie ons zo nodig had was het hoog tijd om naar huis te gaan en onze familie, en ook vrienden, weer in onze armen te sluiten.  

We hopen jullie gauw weer allemaal te zienl!

Heel veel liefs en bedankt voor al jullie lieve steun, gezellige skype/ msn gesprekken, lieve mailtjes en ga zo maar door! Jullie waren super-fans!

Jordi & Sharon              

Down Under

Lieve mensen,

Hier zijn we weer. We zijn alweer bijna aan het einde van Australie, dus nog even een laatste verhaal met onze avonturen van down under. Inmiddels weer helemaal genezen van de muggenbulten, dus helemaal gezond. Want ja ouders, ook hier in het verre, verre Australie kun je net als in Nederland groenten en fruit kopen =) Gister hebben we dan ook lekker bloemkool met gekookte aardappeltjes gegeten en een lekker biefstukje voor meneer.

Enfin, na Katoomba hebben we onze reis voortgezet met een campervan. Deze campervan hebben we geregeld via het zogenaamde ‘car relocation' systeem. Weten jullie het nog uit ons vorige verhaal? Auto's/ campers die gehuurd worden, worden vaak in een andere plaats afgezet dan waar het verhuurbedrijf gevestigd is. Andere reizigers kunnen dan voor zo'n 5$ per dag de camper terugbrengen naar het verhuurbedrijf. Wij brachten de camper van Sydney naar Brisbane in 3 dagen. Op de weg naar Brisbane zaten nog een aantal plekken die we wilden zien, zoals Seal Rock (zeehonden rots), Ballina (waar ze dolfijnen hebben), Byron Bay en Surfers Paradise. Helaas regende het al vanaf het moment dat we de camper op hebben gehaald, maar dat mocht de pret niet drukken.

Saar had de kaart ter beschikking en Jordi reed. Jullie raden het al.. Mannen en vrouwen moeten niet samen in een camper! Saar stuurde Jordi midden in het centrum van Sydney (erg belangrijk detail) direct al de verkeerde kant op. Jordi was echter vergevingsgezind en keerde (rustig?!) zijn camper om en zocht zijn weg naar de snelweg! Highway to hell? Nee hoor, het was een mooie, gezellige route.

Door de regen hebben we geen zeehonden kunnen spotten op Seal Rock. Daarna nog een aantal erg mooie omwegen genomen langs de kust en geslapen ergens in een woonwijk. De volgende dag door naar Ballina waar we dolfijnen wilden zien! Maar helaas, de weergoden waren ons niet gunstig gezind en de dolfijnen lieten zich niet zien. Door naar Byron Bay waar we echt naar de ‘Cheeky Monkeys' moesten. Zowel van Rob als van Bart als van Lucinda zou dat echt the place to be zijn in Byron Bay. Kennelijk waren wij er een verkeerde dag, want behalve het gezellige meubilair, was er weinig. Helaas hadden we geen tijd om een dag extra hier te spenderen, maar het zag eruit als een heel gezellig badplaatsje! Byron Bay is trouwens het meest oostelijke stukje van Australie. Deze dag stond toch wel in het teken van ruzies om niks. Echt van die man-en-vrouw-in-de-auto-ruzies. Heerlijk!

De volgende ochtend 6 uur op, omdat we terug wilden naar Ballina voor de dolfijnen. In de ochtend zou je volgens  locals de grootste kans hebben om ze te spotten. Maar helaas. Geen succes. Door naar Surfers Paradise om daar lekker te ontbijten. Wederom een leuke badplaats, beetje het Salou van Australie.

In Brisbane dan na drie dagen onze camper ingeleverd en vervolgens een stukje terug gereisd naar Burleigh Heads aan de Gold Coast, om opgevangen te worden door familie van Janna: Jan en Karen. Eenmaal aangekomen klikte het eigenlijk al meteen. Thuis kennis gemaakt met Kate (7) en Joshua (4), twee heerlijk drukke kindertjes, die Jordi wel even een weekje bezig zouden houden. Daarnaast waren Jude en Jody, twee kleine, megadrukke hondjes ook elke dag gezellig van de partij. Jude vond het nodig om Jordi zn oordopjes en Saar d'r sokken aan diggelen te bijten en was op een ochtend zo blij om Jordi te zien dat hij zo over z'n benen heen pieste. Arme pispaal. ‘s Nachts werden we vergezeld door Olly en Prince, de katten die lekker met ons wilden spelen. Tante Tilly (de moeder van Jan) woonde in een huisje naast Jan en Karen die Jan voor haar gebouwd heeft. Wat een fantstische familie. Maar hoe kan het ook anders he?!

De eerste ochtend zijn we om 5 uur opgestaan om met Jan te gaan zeevissen. Misschien zouden we dan nu dolfijnen gaan zien. Sharon had al gauw spijt van haar besluit om mee te gaan zeevissen, want de zee was ruig (in de zin van: we moesten ons goed vasthouden en zelfs Jan was een beetje bang voor de enorme golven). We moesten vanuit een baai door de branding de zee op. En de branding is niet de branding zoals die in Nederland is. Daarna op zee werden de de golven er niet minder op en Saar voedde de vissen die Jordi later ving. Vier in totaal. Bijtijds weer terug, want Saar zag 6 kleuren. Geen dolfijnen gezien, wel een pelikaan gevoerd! ‘s Middags gezellig naar het strand met z'n allen en ‘s avonds heerlijk in de jacuzzi gezeten. =)

In het weekend zijn Jan en Karen een dagje weg geweest voor pasen met de kids en zijn wij gezellig met Tilly wat stranden gaan bekijken, heerlijk. Hele mooie strandwandelingen gemaakt en in Currumbon regenboog lorakietjes gevoerd. Erg leuk, de vogels komen op je hoofd, schouders en armen zitten. Verder zijn we nog naar Danger Point geweest, waar je een mooi uitkijkpunt hebt en veel mensen ziet surfen in enorme golven.   

Na het weekend weer met z'n allen naar het strand geweest en twee surfboards van Jan geleend. Helaas was de stroming zo sterk dat het peddelen een uur duurde voordat je met een goede golf mee kon gaan.  Dit leidde voor Saar dat ze flinke spierpijn had, zonder te surfen en Adonis Jansen heeft zich met zijn enorme spiermassa tegen de stroming in weten te werken en heeft weliswaar 2 keer 3 seconden op zijn board weten te staan!

Als afsluiter Kate en Joshua mee naar de bioscoop genomen, naar de film 'How to train your dragon'. Leuke kinderfilm, Joshua zat de hele tijd met zn vingers in z'n oren omdat het geluid te hard stond en Kate vond het gezelliger om met Saar te klessebessen. Al met al was het wel super gezellig met deze fantastisch leuke, lieve kids.

Toen door naar Brisbane. Het was erg moeilijk om weg te gaan, omdat we ons duidelijk waren gaan hechten aan familie vd Kwast, maar ook in Brisbane zouden we goed opgevangen worden door couchsurfers. We logeerden bij Dave, die de eerste paar dagen niet thuis zou zijn, maar hij had nog een logé (Therese uit Zweden) die ons op zou vangen. Over gastvrijheid gesproken. De eerste dag zijn we een wandeling door de stad gaan maken. Saar speelde gids en Jordi vreselijk vervelende toerist, wat leuke situaties opleverde. In de botanische tuinen hadden ze een speciaal soort boom. De takken (wortels?) van deze boom lopen naar beneden tot onder de grond, waarna ze weer naar boven groeien. En dit dan keer op keer. Geeft een heel leuk effect. Voor een duidelijker beeld, check de foto's ;)! Verder hebben we een boottocht op de rivier gemaakt en nog wat gebouwen (parlementsgebouw, musea etc) bezocht. Brisbane is een erg leuke, gezellige stad. Niet te groot, maar erg leuk. De volgende dag zijn we met Therese en een vriend van haar naar de Southbank geweest. Dit is een soort park met gras en een zwembad, wat ze in Brisbane ‘beach' noemen. Was erg gezellig. Daarna was er een silent disco op het plein. Kennen jullie dat? Je staat allemaal in een ruimte met een koptelefoon op. Iedereen staat te dansen, terwijl je als je je koptelefoon afzet niks hoort (silent). Was erg grappig!

11 April zijn we naar de Australia Zoo geweest, oftewel Steve Irwin Zoo. Dit was kleiner dan verwacht, maar erg leuk. We hebben daar hele grote schildpadden gezien, de grootste tot nu toe, en de krokodillenshow met de vrouw en kinderen van Steve was erg indrukwekkend! Wat een beesten.
In de avond hebben we voor het eerst Dave ontmoet en de volgende dag is Jordi gelijk met Dave meegeweest om rots te gaan klimmen. Het ging erg goed. Hij heeft drie rotsen beklommen in nood-tempo! Onze sportman Jor is ook nog op tv geweest hier, en wel op adventure channel (een lokale zender). Het was even schrikken toen z'n been uit het harnas schoot op 15 meter van de grond, maar gelukkig zaten zijn middel en zijn andere been nog vast, dus geen gewonden.

Na Brisbane hebben we weer een car relocation gedaan. Dit keer gingen we in vier dagen naar Cairns. Ook voor deze route hadden we weer een aantal punten op ons lijstje staan. We zijn voornamelijk langs de Sunshine Coast gereden met schitterende witte, lange stranden. Verder hebben we een stop gemaakt op een heel mooi uitkijkpunt over de Glasshouse Mountains. Heerlijk, die mooie natuur! Daarna hebben we geprobeerd dolfijnen te spotten in Noosa, maar wederom niet gelukt. Daarna zijn we nog naar Agnes Water gegaan, het meest noordelijke surfstrand van Queensland (de staat waar we nu zijn).  En als klap op de vuurpijl hebben we Mission Beach bezocht, waar je eerst door een prachtige bergachtige omgeving rijdt voor je op het strand aankomt.
Tijdens de 1800 km lange rit naar Cairns zie je ontzettend veel verschillende landschappen, vooral veel bergen, graslandschappen, steppe, allerlei verschillende bomen (ongelooflijk hoeveel). En buiten dat zie je veel dieren, zoals adelaars, vossen, een dingo en kangoeroes (helaas meer plat op de weg dan huppend ernaast). Toch is 1800 km wel een eind en schrik je zo nu en dan wakker van borden die agressief naar je roepen dat je moet rusten. Zo zie je borden met teksten als; Rest, stay alive; Slow down STUPID; en Drunk, Sleepy? R.I.P (in de vorm van een grafsteen).

In Cairns zelf was niet zo heel veel te beleven en vandaar dat we nog voor 5 dagen een camper hebben gehuurd, dit keer 10 keer meer betaald, omdat we geen relocation deden. Saar heeft dit keer ook gereden, omdat we er nu pas achter kwamen dat je niet per se een internationaal rijbewijs nodig hebt. Op zich wende het snel om aan de andere kant van de weg te rijden, maar ook het knipperlicht en de ruitenwisser zijn omgedraaid in de Australische auto's, dus wanneer wij af wilden slaan, gaf Saar dit aan met haar ruitenwissers.
Op dag 1 zijn we naar Cape Tribulation gereden, omdat dit ons zo ontzettend mooi leek. En dat was het ook. Enorme jungle die uitkomt op het strand. Dit is een van de weinige plekken op de wereld dat dit gebeurt, dus dat was echt ontzettend mooi. Verder hebben we die dag de Barron Waterfalls in Kurrumba bekeken. Mooi dagje!

Daarna zijn we weer een stukje zuidelijker gereden, omdat we toch echt graag naar de Whitsunday Islands wilden en hiervoor op onze weg naar Cairns geen tijd hadden. We gingen niet alleen omdat iedereen die in Australie is geweest ons dit heeft aanbevolen, maar vooral ook omdat iedereen (zelfs locals) zeiden dat we hier toch wel bijna zeker dolfijnen en misschien zelfs wel walvissen zouden spotten. Na een flink stuk rijden in de regen, kwamen we aan in Airlie Beach vanwaar we ons tripje naar de Whitsundays hebben geregeld. Volgende dag vol goede moed dat het niet zou gaan regenen en een grote glimlach omdat we dolfijnen zouden gaan zien de hort op. En ja, je raadt het al. Ondanks dat het echt schitterend was, een prachtig eiland (foto's liegen niet, hoewel onze batterij op was en onze kapotte oude fototoestel hebben moeten gebruiken), hebben we helaas geen dolfijnen gezien en liters, maar dan ook liters regen op ons bolletje gehad. Wel hebben we zeeschildpadden gezien en een mooie snorkeltour gemaakt in de Great Barrier Reef.

De laatste dag van onze camperhuur zijn we 6 uur opgestaan om in het Eungella National Park platypussen te spotten. Platypussen zijn vogelbekdieren en ze zijn zo leuk! Die moesten we zien, en dit keer hadden we geluk. Ze waren niet te missen, maar door hun ontzettende gevoeligheid waren ze steeds alweer onder water voordat we foto's konden maken. Hierna hier ontbeten met 5 kalkoenen om ons heen die ons brood wilden pikken!

Nu zijn we weer terug in Cairns waar we wederom aan het couchsurfen zijn bij een man, vrouw en een babietje. We hebben nog geen kennis met ze gemaakt, omdat ze een weekendje weg zijn, maar toch hebben ze hun huis ter beschikking gesteld voor ons. Wat een gastvrijheid he? Super.
Woensdag vliegen we naar Nieuw Zeeland. We hopen daar dolfijnen, walvissen en zeehonden te gaan zien, want voor die tijd komen wij NIET naar huis!

Heel veel liefs en tot over 2,5 maandje alweer,

Jor & Saar

Ps. Dieren die we in Australie al tegen zijn gekomen zijn waterdragons (soort hagedis), ontzettend veel gekko's, dingo's, vossen, kangoeroes, koala's, cassowaries (soort struisvogel), emoes, wombat, possoms, zeeschildpadden, 1 pinguin, adelaars (heel veel), papegaaien (heleboel), andere vogels (nooit eerder gezien), spinnen met een diameter van 10 cm (waaronder 1 met haar), platypussen, kalkoenen, vleermuizen en een slang.

Ps1. Sinds de regenval in statistieken wordt bijgehouden is dit het natste jaar van Australie, lekker =)

Singapore en Australie

Hello!

Daar zijn we weer! Dit keer vanaf de laptop in Australie. We hebben namelijk nog snel even een laptop in Bangkok gekocht (ja, daar hebben ze dan wel weer geld voor ;)) We waren gebleven bij de dag dat we uit Bangkok vertrokken en naar Singapore vlogen. Waarom gaan we ook alweer weg uit Azie? Geen idee. Wel weten we dat we hier absoluut nog terug gaan komen!

Singapore was direct al wennen aan de Westerse cultuur die er heerst. Wat als eerste opvalt aan Singapore is dat het ontzettend schoon is. Het wordt middels een streng rechtssysteem goed schoon gehouden. Zo mag er geen kauwgom verkocht en gekocht worden om te voorkomen dat mensen hun kauwgom op plekken deponeren waar dat niet de bedoeling is. Kauwgom mag uitsluitend benut worden als medisch gebuik. Verder zijn er flinke boetes voor afval op straat gooien, spugen op straat en roken is uitsluitend toegestaan op plekken waar dat staat aangegeven.
Dag 1 zochten we een hostel en gelijk al werden we geconfronteerd met het feit dat we vanaf nu toch per nacht meer moesten gaan betalen dan de luttele 3 euro die we in Azie voor een overnachting betaalden.

In Singapore bezochten we als eerst Little India, waar we een aantal tempels hebben bekeken, waarschijnlijk de laatste die we deze reis zouden zien. Ook heb je hier een aantal moskeeen. Wat ons ook al in Thailand was opgevallen aan Indiers, en nu weer opviel, is dat ze zéér opdringerig zijn. Ze willen je van alles aansmeren. Daar hadden we even genoeg van, dus zijn we door gegaan naar Orchard Road. Dit is een straat met een overkill aan shoppingmalls, een walhalla voor Saar. Dit maakt het dan wel weer frustrerend dat we geen plek in de backpack en shopgeld hebben :( Maar doordat het buiten zo ontzettend warm was en het binnen in de shoppingmalls aangenaam koel was vanwege de airconditioning kon Saar Jor toch overhalen om even een kijkje te gaan nemen.

In ons hostel leerden we de Britse Aidan en Saira kennen en met hen gingen we de volgende dag naar de Botanische tuinen van Singapore. Dit was absoluut de moeite waard, erg mooie tuinen. Verder was het erg gezellig en aangezien zij al in Australie waren geweest en nu naar Azie doorreisden konden we mooi wat tips uitwisselen!

Hierna 2 dagen niks gedaan, want 2 a 3 dagen bleek genoeg voor Singapore. Wel nog de prachtige skyline bekeken vanaf een bar op de 72e verdieping en de 'grootste' fontein van de wereld bekeken. Singapore  was toch wel het minste land dat we hebben bekeken en waren blij dat we door konden naar ‘Ozzy'.

Zes maart: Op naar Melbourne (in Australie)! Heerlijk om weer de luxe van het vliegtuig te hebben! Lekkere maaltijden en ieder een eigen schermpje met de keuze uit films, games, nieuws of muziek. En wat doe je als je al 2 films hebt gezien en nog maar een klein uurtje over hebt? Precies, dan ga je kijken welke muziek je kan luisteren. Dit mondde uit in lekker ouderwets Spicegirls, Backstreetboys en Westlife luisteren. En wat is het dan moeilijk om niet even lekker mee te zingen! Wat moeten die andere passagiers wel niet gedacht hebben? En no worries mannen,  Jordi heeft gewoon braaf echte stoere mannenfilms gezien!

Eenmaal op het vliegveld in Melbourne kregen we het zwaar te verduren. Na de paspoortcontrole stond de eerste dame (leek een beetje op Ma Flodder) al klaar om ons even lekker te ondervragen. Waar zijn jullie geweest voor Australie? Hebben jullie nog artikelen meegenomen die je aan moet geven? Waar verblijven jullie in Melbourne enzovoorts. Dat was easy. Toen door naar de band om onze backpacks te pakken, ook die kwamen vrij snel! Maar helaas.. Ma Flodder had niet het beste vertrouwen in ons, dus wilden ze ons toch nog een paar vragen stellen. Op naar een aparte ruimte waar zij en een collega een vragenvuur op ons afschoten. In welke landen ben je de afgelopen maanden geweest, hoelang, wat heb je precies daar gedaan, wat heb je de afgelopen week gedaan, wat heb je gisteren gedaan, is alles in je tas van jou, heb je je tas onbeheerd achtergelaten (fuck, ze hebben die 1,5 kilo zak cocaine gevonden??!!), bij wie verblijven jullie, hoe kennen jullie die etc. Daarna waren onze camera's de sjaak. Zowel de videocamera als de fotocamera werden goed onderhanden genomen, nee hoor, privacy kennen ze daar niet. Daarna was onze handbagage aan de beurt, alle papieren werden bekeken en de netjes geordende tassen werden ondersteboven gehaald. Na een half uur mochten we dan toch weg! En zo kwam onze drugs veilig de grens over ;-)

Eenmaal in de aankomsthal stond onze gastvrouw in Melbourne Janet al te wachten. Even een opfrisser; Janet is de dame die we in Londen hadden ontmoet toen we ons hotel zochten en ons toen uitnodigde voor wanneer we in Melbourne zouden zijn. Hier hebben we mailcontact meegehouden en zodoende hadden we in Melbourne direct al een hele fijne slaapplek. We werden warm onthaald door deze enthousiaste, energieke vrouw. Ze vertelde ons dat er een aantal uur voordat we landden er een flinke hagelbui was geweest met hagelstenen ter grootte van golfballen. Door deze storm was ‘s middags ook het vliegveld gesloten, dus we hadden geluk dat we konden landen! Eenmaal thuisgekomen zagen we inderdaad flinke schade die te wijten viel aan de storm; enorm veel deukjes in de auto van de dochter van Janet (Rebecca) en in de hele straat waren ramen kapot.   

De volgende ochtend stond er een boswandeling op de planning. Eens in de maand is er in het bos in Daylesford een activiteit dat heet ‘orienteering' waar de man van Janet (Matthew) fanatiek aan mee doet.  Dit houdt in dat ze een bepaald ‘race'parcours af moeten leggen aan de hand van een kaart enkel met nummers erop. Deze nummers moet je met een kompas zien te vinden. Wij gingen met Janet en Rebecca mee, die het niveau gemiddeld kozen en het parcours wandelend aflegden. Onze route had 9 nummers die we moesten vinden. Na nummer 1 gevonden te hebben deden we bijna een uur over het vinden van paaltje 2 en in totaal zijn we 1 uur en 55 minuen bezg geweest met onze 2,1 km lange speurtocht J We hebben wel onze eerste kangoeroes gezien!

‘s Avonds zijn we met Rebecca en een vriendin een hapje wezen eten en hebben we de kroegen van Melbourne bezocht. Hier spraken we ook af met twee franse meisjes die voor ons bij Janet thuis verbleven.  Deze avond zorgde ervoor dat we de volgende ochtend wat later wakker werden dan de norm in huize King en hierna gingen we naar het Moombafestival. Een festival dat jaarlijks in Melbourne is en te vergelijken is met 3 oktober.

Dinsdag zijn we samen de stad wezen verkennen, zo hebben we federation square, het parlementsgebouw, de bibliotheek, de skyline enzovoorts gezien. Aangezien het alle dagen dat we in Melbourne waren al regenachtig en koud was, hebben we ook maar een jas gekocht. Niet wetende dat het na het kopen van de jas zonnig en mooi weer zou worden!  ‘s Avonds is Jordi met Matthew meegeweest naar orienteering gewoon in Melbourne zelf. Dit keer ging Jordi zelf met een kaart op pad en na lekker een stukje hardgelopen te hebben stond hij ineens buiten de kaart. Na een half uur zoeken maar weer dezelfde route teruggenomen en besloten voortaan toch maar bekende rondjes te gaan hardlopen.  Later op de avond met Janet op jacht gegaan naar Possums, de Australische beestjes die de tuinen onveilig maken. Zie de website voor foto's van deze ‘schattige' beestjes http://images.google.com.au/images?hl=en&source=hp&q=possom&btnG=Search+Images&gbv=2&aq=f&aqi=&aql=&oq=&gs_rfai=. Na 5 minuten al eentje gespot, mooie beesten!

Woensdag de 10e was het internationale vrouwendag en onder het motto van ‘dat moet gevierd worden' hadden Janet en Sharon een morning-tea in het buurthuis. Erg gezellig met alle ouwe theeleuten die vanalles over je willen weten. Verder is Jor op woensdagavond met zoon Graham in een pub wezen pokeren waar hij helaas niet de finaletafel heeft kunnen bereiken. De volgende dag dus maar naar het casino (wat ooit de grootste van de wereld was en nu de grootste van het zuidelijk halfrond is) en daar heeft Saar het geld weer teruggewonnen. Eerst 33$ gewonnen met roulette, daarna nog 2$ bij een automaat. Beginnersgeluk, maar zo trots als een pauw flaneerde ze over het rode tapijt die haar leidde naar de kassa waar ze haar zojuist gewonnen centjes op kon halen,' Ka-tsjing'! ‘s Avonds dus lekker met Allison (oudste dochter) wezen shoppen!

De volgende dag met Janet en een vriendin van haar naar de Botanische tuinen van Melbourne geweest en naar het St. Kilda strand (waar de volgende dag een haai is gespot!). ‘s Avonds nog lekker wezen stappen en zaterdag hadden Janet en Matthew ons en de Franse meisjes uitgenodigd voor de Great Ocean Road. Met z'n zevenen in de auto langs ocean en door bossen naar Port Campbell, luisterend naar gouwe ouwe Australische countrymuziek waar Janet en Rebecca flink op aan het meezingen waren. Onderweg flink wat foto-stops gehad, want wat was het een mooie route! Veel dieren gezien, zowel levend als levensloos. In Port Campbell hebben we een hostel geboekt, hier zouden we blijven slapen en dan de volgende dag weer via een mooie route terug naar Melbourne. ‘s Avonds nog een pinguin gezien op het strand!

De volgende dag zijn we nog gestopt voor een boswandeling waar we ineens emoes/ struisvogels tegen het lijf liepen. Na nog even verder gelopen te hebben hoorden we dat er op de picknickplaats koalabeertjes waren gespot en inderdaad, in de boom zaten twee hele schattige koalabeertjes te slapen!

Bij terugkomst was het kijken hoe we nu verder gingen. De Franse meisjes gingen een campervan kopen omdat zij 6 maanden in Australie blijven. Na voor- en nadelen tegen elkaar afgewogen te hebben besloten we met deze twee superlieve meiden mee te reizen tot Canberra (de hoofdstad van Australie) en vervolgens met de bus naar Sydney te gaan. Woensdag zouden we vertrekken dus we hadden nog twee dagen om lekker helemaal niks te doen. We zijn nog wat musea en kerken afgegaan, waarbij je in het kunstmuseum je eigen matrixfilmpje kon maken. Voor de resultaten, check:

http://www.acmi.net.au/timeslice/Timeslice.htm?file=ts-20100315-dbfecff690162dac94844a79ddea119a.flv 

Woensdagochtend zouden we gaan, maar omdat alles nog niet helemaal mee zat met de verzekering vertrokken we om zes uur ‘s avonds. En daar gingen we! In een campervan uit 1981 die moeite bleek te hebben met starten. De straat uit en meteen de verkeerde kant op, lekker Celine. Daarna een flink stuk gereden en overnacht op een rustplek langs de snelweg. Met z'n drieen in een tweepersoonsbed (wat een bofkont is Jordi toch) en Amandien in een tentje buiten (wilde ze zelf!).

De volgende dag lekker doorrijden naar de volgende stop. Eerst een aantal stops om van het landschap te genieten en drie pelicanen te spotten, daarna een stop omdat de benzine op is. Midden in de middle of nowhere aan het begin van een heuvel. In Australie heb je namelijk kilometers lange stukken land waar je geen huis, laat staan een benzinepomp tegenkomt. Daarom is het soms ook handig om al te tanken als je nog een halve tank vol hebt. En dat wisten we alle vier. Alsof het geluk aan onze zijde was stopte er een auto die ons vertelde dat er heel toevallig een benzinepomp zat aan de andere kant van de heuvel! Hoppekee, Saar en Jor op naar de benzinepomp om ons probleem uit te leggen, want ja, Fransen spreken nog steeds alleen Engels wanneer het hen uitkomt ;-) Benzine meegekregen, lift terug naar de campervan gekregen en de dorstige campervan te drinken gegeven. En daar gingen we weer! Door naar de volgende camping waar we, zo ontdekten we later, illegaal zijn verbleven. Zo zagen we pas toen we daar weer wegreden dat we 8$ per person hadden moeten betalen. Niet geheel onterecht, want ze hadden hier fantastische douches en veel wilde kangoeroes, possums, vossen en ander gespuis!  

De volgende ochtend eerst wanhopig op zoek naar een benzinestation, om niet nog een keer dezelfde fout te maken en daarna via een prachtige route door naar Canberra. Hoewel Canberra de hoofdstad van Australie is, is er weinig te beleven. Er zijn een aantal mooie gebouwen, maar de volgende dag gingen we gauw weer door naar de volgende wereldstad: Sydney.

Na een busrit van drie uur kwamen we om half 7 veilig aan in Sydney. De bussen rijden hier een stuk veiliger ten opzichte van Azie, hoewel we in Azie over deze afstand slechts 1,5 uur zouden doen :-).
Enfin, na onze backpacks in de hostel gedropt te hebben konden we niet wachten om het bekende Opera House en de Harbour Bridge te gaan bekijken. Sydney bleek een hele gezellige stad, met veel gezellige mensen en leuke barretjes. Daarentegen hadden we al lange tijd niet zoveel mensen gezien die zo het pad kwijt waren. Welkom in de westerse wereld waar alcohol en drugs verscheidene levens tot een dieptepunt brengt. Veel  daklozen en alcoholisten.  Daarnaast stopte er twee keer een limosine met allemaal dronken gillende meisjes, waar de gozers al snel op af renden. Zoiets maak je in Azie niet snel mee.

Eenmaal op de Harbour Bridge bleek deze verbazingwekkend rustig, dus besloten we lekker onze tijd te nemen om over deze brug te lopen en te genieten van het uitzicht op het Opera House. Halverwege de brug tijd voor een knuffelmomentje en toen.. Pieeeeuww, Pieeeeeuwww, allemaal vuurwerk! Tien minuten lang hebben wij genoten, samen op de Harbour Bridge, van een schitterende vuurwerkshow. Hoe romantisch wil je ‘t hebben? 'Awesome!!'

De volgende dag werd St. Patricksday gevierd met een optocht. St Patrick was verkleed als groene Sinterklaas en iedereen liep met een Ierse vlag. Leuke optocht, maar haalt het niet bij 3 oktober!
Daarna een aantal bezichtigingen gedaan zoals de botanische tuinen ('Gorgeous!!'), waar we een boom zagen vol met vleermuizen (wat een herrie), de nationale staatsbibliotheek en nog eens het Opera House en de Harbour Bridge, maar dit keer met licht.
Verder hebben we Bondi beach bezocht in Sydney, het populairste strand. Helaas hebben we niet veel gezwommen, want er stond een stroming waar je u tegen zegt. Jordi kon zelfs zijn favoriete 'diehakker-spel' niet spelen (ß voor de kenners).

Onze laatste dag in Sydney hebben we helaas moeten spenderen aan het kopen van een nieuwe fotocamera, aangezien onze camera het begaf toen Jor een lelijk eendje wilde fotograferen en daarbij van schrik de camera op de grond liet vallen. Voordeel is wel dat deze camera een stuk scherpere foto's zou moeten maken dan de vorige, dus oordeel zelf!

Na Sydney op naar de Blue Mountains, 2 uurtjes landinwaarts vanaf Sydney. Hier begon onze tweede couchsurf ervaring. Weten jullie nog wat het is? Korte opheldering: couchsurfen betekent dat je via internet in contact komt met mensen die een ‘couch' hebben waar jij kan overnachten. Dit keer was dat bij Brent, een aardige man van 42 met twee kinderen. De eerste dag zijn we gelijk op pad gegaan om de Three Sisters Rocks te bekijken. Een rotspartij van 3 yellowstone rotsen waar nog een kort aboriginal verhaaltje achter zit. De drie gezusters Meehni, Wimlah en Gunnedoo, behorend tot de Katoomba-stam, werden verliefd op drie gebroeders van de Nepean-stam . Omdat ze niet mochten trouwen kwamen de gebroeders in opstand en namen de gezusters gevangen. Oeehh, spannend! Een ware strijd brak uit en de medicijnendokter besloot de drie gezusters in rotsen om te toveren, zodat ze beschermd konden worden tegen het kwaad.

Na deze rotspartij zijn we een wandeling gaan maken met uitzicht over de vallei. Dit werd een wat langere hike dan verwacht (op slippertjes) en we besloten deze hike de volgende dag voort te zetten. Bij Brent logeerden nog twee andere couchsurfers uit Spanje. Zij wilden wel met ons de hike doen de volgende dag. Zes uur gelopen en geklommen door de prachtige vallei met een mooi regenwoud. Het nadeel van een kilometer naar beneden lopen om door de vallei te lopen is dat je ook weer omhoog moet.
Desalniettemin besloten we de volgende dag (nu 2 dagen geleden en nog spierpijn) toch nog een hike te doen in een andere vallei vanuit het plaatsje Blackheath. Brent bood ons aan een tent te lenen zodat we dan daar in de bossen konden overnachten. En om onze horizon te verbreden gingen we deze uitdaging uiteraard aan. Na vier uur flink klimmen en later nog meer afdalen (Jordi met een backpack met tent, slaapzakken en kookgerei op zijn rug) kwamen we aan op de camping. Onderweg kwamen we nog een jongen tegen die ons vertelde dat we niet zover meer hoefden tot de camping en dat het erg ‘mozzy' was. Eenmaal op de camping aangekomen werden we inderdaad blootgesteld aan wat mozzy dan was (hoewel dat kwartje bij ons gisteren pas viel). Er waren duizenden muggen (mosuito's à mozzy). Binnen 5 minuten waren we allebei al helemaal lekgestoken en we hadden er niet aangedacht lange mouwen mee te nemen. Op Jordi zijn kuit zaten binnen drie seconden 15 muggen. En dan nog koken en de tent op zetten! De tent was geen echte tent, die had Brent niet kunnen vinden en dus gebruikten we een ‘fly', een zeil die we moesten spannen tussen de bomen en waar we een klamboe (eenpersoons klamboe bleek later) onder konden hangen. Door de continue mozzy-attacks duurde dit simpele klusje van een tent opzetten ruim een half uur en daarna konden we onze (inmiddels mozzy-)rijst opeten. Aangezien er weinig smaak zat aan rijst met groenten en mug en we helemaal lek gestoken werden, hebben we ons eten laten staan en zijn we in de tent gaan liggen. De 2 pannetjes en bordjes voor de zekerheid maar een aantal meter buiten de tent laten liggen, aangezien we ze niet af konden wassen wegens een gebrek aan water. Lig je dan om half 8 gezellig in je tentje met het continue gezoem van muggen die hopelijk buiten de klamboe blijven! Er was geen beweging mogelijk, dus dit zou een zware nacht worden. Na een draai ('Sahaaaaaaaaaarrrr...!!') stortte inderdaad midden in de nacht ons tentje in en konden we met het licht van de maan, een schattig klein, maar zeer slecht hema-zaklampje en nog steeds vergezeld door de muggen de tent weer in de oorspronkelijke vorm hangen. Welterusten. Nee dus. Na een uurtje gelegen te hebben werd onze aandacht opnieuw getrokken naar buiten de tent.. de pannen. Of onze pannen waren uit zichzelf gaan dansen, of er waren beesten op af gekomen. Het handige van onze tent was dat we door de klamboe heen konden kijken en wat zag Jordi daar? Een hond!  Ach, wat schattig! Maar.. er mogen hier helemaal geen honden komen! Shit, het is geen hond, in ieder geval geen tamme. Na enkele minuten kregen we antwoord op onze vraag toen we ons ineens rotschrokken van het gehuil van wolven. Shit, shit, shit, lig je dan onder je klamboe, terwijl je zojuist vier of vijf van die gekke beesten om je tentje hebt zien lopen. We hoorden gesnuffel en gegrom en ze gingen maar niet weg. Dit doen we nooit meer. De volgende ochtend in een diameter van 100 meter om onze tent heen de pannen (waarvan 1 met flinke tanden erin), bordjes en het bestek teruggevonden en op naar het eindpunt van onze hike. Drie en een half uur klimmen, want we waren immers in de vallei en om daar uit te komen zal je om hoog moeten ('Gosh, I'm Exhausted!'). Eenmaal aangekomen in Brents huis een warme douche genomen en de muggenbulten geteld. Jordi komt er redelijk gezond vanaf met een schappelijk aantal van rond de 100 en Saar kon snel ziekjes haar bedje opzoeken vanwege een overkill aan muggengif te wijten aan ruim 250 muggenbulten.
Brent vertelde ons dat de wolvensoort die we zagen dingo's waren.

Vandaag gaat het weer wat beter en zijn we lekker een dagje binnen gebleven, omdat het sinds onze jassen-aankoop weer voor het eerst heeft geregend. Mooie dag om het reisverhaal te posten.

Morgen gaan we terug naar Sydney waar we een afspraak hebben voor een campervan. Korte uitleg: Wanneer mensen in Australie auto's of campers huren kiezen zij er meestal voor het vervoersmiddel aan het eind van de rit op een andere locatie in te leveren. En omdat die vervoersmiddelen dan weer terug moeten naar de beginlocatie worden deze aangeboden op internet om voor een klein bedragje terug te brengen. Waar je dus normaal 70$ betaald om een dag een campervan te huren, betalen we nu 5$ en benzine van 150$. Wij gaan dus morgen een campervan terugbrengen van Sydney naar Brisbane en mogen hier drie dagen over doen. We zijn van plan een stop te maken bij Ballina en Byron Bay. En na Brisbane gaan we weer een klein stukje terug naar de Gold Coast waar onze lieve vriendin Janna een slaapplek bij een neef van haar heeft geregeld.

Jullie horen gauw weer van ons!

Veel zonnige groetjes en liefs,

Jor en Saar                       

The end of South East Asia

Lieve vrienden, familie en andere trouwe fans!

Na een maandje geen verhaal te hebben gepost voelen we ons toch wel weer een beetje genoodzaakt jullie op de hoogte te stellen van het heuglijke feit dat we weer een FANTASTISCHE maand achter de rug hebben.. En nu we eindelijk een beetje beginnen te wennen aan het te pittige eten en het ongelooflijk gevaarlijke verkeer (lees: racen tot je op de noodrem moet) moeten we dit fantastisch mooie, gemoedelijke Azie weer gaan verlaten. Er is een tijd van komen.. en een tijd van gaan. Eerst even Azie afsluiten met dit reisverhaal en 4 dagen Singapore, en dan.. Op naar Australie en Nieuw Zeeland.

Goed, waar waren we gebleven.. Chiang Mai.

De dag nadat we ons laatste verhaal hebben gepost hebben we een kookcursus gedaan. Verborgen talenten kwamen naar voren en bij Jordi resulteerde dat vooral in een veel te pittige curry soep met kip en rijst. Dat krijg je als je te overmoedig word. Verder heerlijke loempia's, prachtig in vorm. Jordi z'n loempia's bleven wonder boven wonder dichtzitten aangezien die zo vol zaten dat je zou denken dat ze toch echt uit elkaar zouden klappen. Andere (goedgelukte!) gerechten waren: Tomyan soep met garnalen, cocosnootmelksoep en kleefrijst. Als toetje hadden we iets heel lekkers met mango en banaan, welke we allebei hebben moeten laten staan omdat we al zo vol zaten. Helaas.

De volgende dag een lange wandeling naar de Don Suthep tempel. Onze fout is vaak dat wij op de kaart altijd denken dat bezichtigingen slechts op een kleine afstand zijn, en aangezien de tuktuks inmiddels echt onze neusgaten uit komen, lopen we dus vaak. En dan blijkt later meestal dat we ons iets vergist hebben in de afstand waardoor je 10 km naar een tempel moet lopen (waar we eigenlijk al niet eens zo heel veel zin meer in hadden omdat we al zoveel tempels gezien hadden). Als beloning zijn we lekker gaan gourmetten (onbeperkt eten, ijs en cola voor nog geen 5 euro pp!) waarna we beiden 2 kilo waren aangekomen en als afsluiter lekker naar de bioscoop zijn geweest. Voordat de film begon, werden we door de security gewezen op het feit dat we op de verkeerde plekken zaten. We hadden het kaartje verkeerd gelezen en na 15 minuten hadden de Thai' en eindelijk de security ingeschakeld. Ook werd ons weer gevraagd te gaan staan voor de koning en het volkslied. De koning is heilig in Thailand en de mensen zien hem dan ook als een semi-god. De politieke meningen zijn nogal verdeeld op het moment in Thailand, voornamelijk over het feit hoeveel politieke macht de koning heeft.

30 Januari zijn we vervolgens met de bus naar Mae Hong Son gegaan, een dorpje 8 uur rijden bij Chiang Mai vandaan. Hier zijn we met een motorbike gaan rijden naar een longneckvillage. Hier wonen mensen van de Padeung-stam. Vrouwen die elk jaar weer nieuwe kettingen om hun nek krijgen waardoor hun nek steeds wat langer wordt. Echter, deze vrouwen zie je nergens meer, alleen in de daarvoor opgezette toeristenmarktjes waar je flink entreegeld voor betaalt en dan mag je foto's maken van deze unieke dames. Het was niet makkelijk, maar het is gelukt om een paar fotootjes te schieten waar geen toeristen op staan =)

Omdat de omgeving van Mae Hong Son zo mooi was zijn we de volgende dag nog begonnen met een hike. Aangezien we niet echt een goed pad konden vinden kwamen we steeds in dorpjes uit waar blaffende/ grommende honden achter ons aan kwamen rennen. Na 2 uur zweten hebben we onze wandeltocht dus maar afgebroken en zijn we lekker een boekje gaan lezen op onze veranda van het guesthouse alvorens we verder trokken met de nachtbus naar Sukothai.

Na een half uurtje in deze bus kwamen er zwaar gewapende mannen de bus binnen die papieren wilden zien van de locals. Achteraf bleek dit te zijn omdat we vlakbij de grens met Birma zaten en de Burmezen natuurlijk niet illegaal in Thailand mogen verblijven. Maar toch is het schrikken als ze ineens met een dik automatisch wapen a la Rambo naast je staan. 10 minuten later zagen we wederom een hoop politie en lichtjes en moesten we 20 minuten wachten voordat we door mochten rijden. Wat bleek: er was een vrachtwagen gekanteld die zijn wagen vol had geladen met kratten colaflessen. Er lagen genoeg scherven om ons voor de rest van de reis geluk toe te wensen.

In Sukothai zijn we tempelruines gaan bezoeken. Deze waren leuk, maar vergelijkbaar met Ayuthaya waar we in december al met de ouders van Saar zijn geweest. Hierna zijn we gelijk doorgegaan naar Lopburi, de stad die volgende de lonely planet is overgenomen door de apen. 's Avonds, behalve in bed, geen aap gezien, viel dat even tegen. Maar de volgende ochtend werden wij wakker van gerommel bij het raam van onze hotelkamer. En wat bleek: 20 aapjes voor ons raam! Snel aankleden en de straat op. En ja hoor.. Honderden aapjes in de electriciteitsbedrading, op en rondom tempels, op het treinspoor, overal. Absoluut meer apen dan mensen en de locals hebben dan ook allemaal katapulten om zich te beschermen tegen deze brutale kleine monstertjes. Geweldig.

Na Lopburi zijn we doorgegaan naar Kanchanaburi, waar je de bekende brug over de River Kwai hebt. Voor de oplettende fan, klopt, daar zijn we inderdaad al geweest in december toen Saar haar ouders net weg waren. Maar toen hadden we niet zo heel veel tijd om de omgeving te zien, dus we zijn nog eens terug gekomen. Kanchanaburi is een erg toeristisch dorpje waar we 2 dagen een motorbike hebben gehuurd. Dag 1 zijn we een mooie rit wezen maken, maar eerlijk is eerlijk, je raakt een beetje verwend na al dat moois en dan moet je toch weer even schakelen dat het niet normaal is wat je allemaal ziet. De volgende dag zijn we naar het Erawan National Park geweest. Een jungle met een waterval van 7 flinke lagen, zo'n kilometer lang. Dit was een erg mooie waterval met weer prachtig turqouise blauw water.

En toen kwam een moeilijke keuze: Houden we ons aan de planning en gaan we nog grotschilderingen bekijken en naar andere tempelruines of slaan we dat over en gaan we alvast ontspannen op een tropisch eiland. Hoewel we echt graag de grotschilderingen hadden willen zien, was de keuze snel gemaakt. Op naar Ko Phi Phi, het eiland waar de film 'The Beach' is opgenomen en waar in 2004 de tsunami het eiland heeft verwoest (waar overigens weinig meer van te zien is). Zon, zee, strand, cocktails, eten en boeken. Sommige stranden waren wat toeristisch, maar na een stukje klimmen over de rotsen en wandelen door de jungle kwamen we op stukken strand waar bijna geen hond te zien was. PARADISE. Op 1 van deze strandjes ook de zonsopkomst bekeken, waarbij Jordi tijdens het lopen door de jungle bijna aangevallen werd door wilde apen die hun territorium wilden verdedigen. Lang leve de bamboostokken.

14 februari werden wij 's ochtends vroeg ons bed uit geknald door een enorme herrie buiten. Het was Chinees nieuwjaar, dus vinden de Thaien, tijd voor honderdduizendklappers. Lekker de toeristen wakker knallen! Ze steken die ratelbanden om de haverklap aan en ook nog eens totaal onverwachts op 2 meter afstand van je strandbedje. Dat was dus een paar keer goed schrikken! Valentijn hebben wij superromantisch gevierd met een diner op het strand bij kaarslicht en onder een slinger van hartjes. Als kadootje mochten we een geluksheteluchtballon de lucht in laten gaan. Verder nog een leuk stel uit Nieuw Zeeland leren kennen die ons ook weer uitgenodigd hebben om bij hun langs te komen wanneer we in NZ zijn.

Na 6 dagen heerlijk gerelaxed te hebben, zijn we naar het Kao Sok National park gegaan. Dit was de meest dichtbegroeide jungle die we tot nu toe hebben gezien en je schijnt hier zelfs wilde tijgers te hebben. De jungle zelf is meerdere eeuwen oud. Verder heb je wilde olifanten, apen en slangen, maar we hebben ze gelukkig geen van allen gezien. Omdat de olifanten momenteel veel jongen hebben zijn ze vrij agressief en dus levensgevaarlijk. We hebben hier 2 dagen hele leuke, maar zware hikes gedaan. Veel stijle klimmen en afdalingen, lopen langs een diepe afgrond, en megaspinnen ter grote van Jordi's hand (die hebben we dan wel weer gezien) maakten de hike extra avontuurlijk. 's Avonds muizen in onze kamer, dus de volgende dag toch maar even van guesthouse gewisseld.

En toen was het tijd voor iets waar we al heel lang op hadden gewacht: een duikcursus op Koh Tao. Saar d'r vader had voor ons een leuke duikschool uitgezocht op internet waar we nog eens in het Nederlands les konden krijgen ook, dus dat was fantastisch. En het was ook fantastisch. Vanaf het moment dat je onder het wateroppervlak komt, zit je in een andere wereld. Een wereld van koraalriffen, scheepswrakken en schitterende vissen. En wij als mensen kunnen daar gewoon rond een uur per duik een kijkje nemen! Buiten het feit dat dit heel mooi was, was de school ook hartstikke leuk. De begeleiding die we hadden was super goed (en gezellig!), omdat we slechts met z'n tweetjes bij 1 instructeur waren. Buiten het water hebben we veel lol gehad met de duikgroep. Het was erg fijn om weer even voor een langere periode (+/- 1 week) mensen om ons heen te hebben waar we lol mee konden maken. Na de duiken gingen we vaak met z'n allen nog bowlen (lees: een bal met gaten en bobbels over een heuvelachtig gebergte rollen om vervolgens proberen de meneer te raken die daar de kegeltjes rechtovereind gaat zetten die jij hebt omgegooid), midgetgolfen of gewoon een hapje eten. Super.  Mochten er mensen nog naar Thailand gaan en willen duiken: http://www.impian-divers.com/

Nu zitten we weer in Bangkok waar we ons klaar gaan maken voor Singapore en Australie! Bangkok is trouwens ook niet zonder gevaar. Gister bij de meeste idiote buschauffeur ooit in de bus gezeten. Midden in de nacht keihard op rode stoplichten afrijden en dan veel te laat remmen zodat we midden op de rotonde uitkwamen. Racen met motorbikes en tuctuc. Hij was een fan van de noodrem :)!

Maar al met al...we hebben het overleefd en hebben het prima naar ons zin!

Heel veel liefs!!

Jor en Saar

Noord Laos en Noord Thailand, prachtig!

Lieve mensen thuis,

Hier zijn we weer met een nieuwe update vanuit Thailand! Allereerst; tante El en Joep, van harte gefeliciteerd met jullie verjaardag en beiden nog vele jaren toegewenst!!

We beginnen ons nieuwe verhaal waar we de laatste keer zijn geeindigd. Vientiane, de hoofdstad van Laos, waar we dachten een geweldig knallend oud en nieuw te gaan vieren. Viel dat even tegen. Om  een uur of 9 begon de zoektocht naar een gezellige kroeg in deze hoofstad. Het zit vol met restaurantjes en barretjes, maar alles leek uitgestorven en zou 's avonds om half 11 weer sluiten.. Uiteindelijk kwamen we uit bij de enige echte 'hotspot' voor toeristen. Een bar met een gezellige band. Hier ontmoetten we drie Laotiaanse meisjes die een andere bar wisten. Dit was een grote zaal vol met tafels en stoelen waar alle locals bier met ijs zaten te drinken terwijl op het podium een heuze Laotiaanse rockband uit hun dak stond te gaan. Om 00:03 uur werd abrupt de muziek gestopt en begon dan eindelijk het aftellen (wij dachten al dat het niet meer zou komen). 10-9-8-7-6-5-4-3-2-1..... En de muziek ging weer aan! Er werd niet geproost, gezoend, geknuffeld, alleen maar gezongen en gedanst. Snel naar buiten gerend voor het vuurwerk, maar helaas, niks geen knalletje. Om half 2 was het feest klaar en was het overal stil. Wonderbaarlijk genoeg heeft Jordi ergens op de hoek van de straat nog een hamburger kunnen scoren, maar hierna was het feest toch echt afgelopen en zijn we maar gaan slapen.

De volgende dag door naar Vang Vieng, waar we onze nieuwe Zweedse vriend Hokan leerde kennen. Even een korte weergave van de man in kwestie. Hokan is een man van 58 jaar oud die een reis van 8 jaar aan het maken is. Deze interessante man heeft in zijn verleden in de Favela's van Rio de Janeiro gewoond met zijn toenmalige vriendin van lichte zeden waarmee hij een zoon heeft gekregen. De man had werkelijk alles al meegemaakt. In Vietnam was hij bewust in een scam gelopen en heeft hij de scam meegespeeld, waarna hij de scammers uiteindelijk zelf gescamd heeft. Zoals hij zelf al zei: hij was 'streetsmart', vrij vertaald straatslim. Twee lange avonden in Vang Vieng hingen we aan z'n lippen als hij weer een verhaal vertelde. Zo vertelde de beste man bijvoorbeeld dat hij 500 gram coke de Braziliaanse grens heeft overgesmokkeld en vervolgens zelf alles verbruikt heeft ipv doorverkocht. Door problemen met de dealer terug naar Zweden om de centen terug te verdienen voor de dealers. Nu hij vader is, doet hij het wat rustiger aan.

Maar goed, door naar Vang Vieng. Vang Vieng is de place to be om je als toerist helemaal klem te zuipen en de Aziatische cultuur eens lekker te verstoren door in je bikini-top over straat te lopen. Wij waren niet verbaasd dat we hier meer toeristen dan locals zagen. In Vang Vieng is de echte toeristenattractie het 'tuben'. Dit betekent dat je in een band de rivier afdrijft en langs barren gaat die aan de waterkant staan opgesteld. Zodra het personeel van de bar je dan voorbij ziet drijven gooien ze een touw met een flesje water eraan naar je toe, waarmee ze je binnenhalen. Niks vermoedende toeristen die lekker aan het drijven zijn en dan ineens een flesje water op hun kop gegooid kregen gebeurde dus regelmatig. Verder heb je er stijgers van een aantal meter hoog waar je met een touw vanaf het water in kan slingeren. En ja.. Dan gebeurt het weleens dat er een Tarzan springt zonder te kijken of er niemand met z'n tube-je en zn drankje lekker aan het drijven is.. En nee Leiderdorp, Jordi heeft dus wel opgelet! Al met al hing er best een gezellige sfeer en is het na veel reizen en steeds vroeg op staan ook wel weer leuk om even lekker te feesten.

Verder heb je in Vang Vieng vele grotten waar we met de motorbike naartoe zijn gereden, omdat de omgeving zo geweldig mooi is. De eerste grot die we in gingen was tot Jordi's avontuurlijke vreugde 3 kilometer lang. Met een koplampje op ons hoofd en Saar bang voor vleermuizen gingen we door de grot. Stalagmieten, stalagtieten en hele nauwe doorgangen maakten het echt een avontuur. Af en toe moesten we echt op onze hurken door de grot, maar het was erg gaaf.

Na Vang Vieng gingen we terug naar Vientiane voor ons Thaise visum. Daar leerden we een prachtig stel Rotterdamse broers kennen van rond de 70. Hele discussies over de tweede wereldoorlog en ellenlange verhalen over de voetbal. En nee 333, ze zijn voor Excelsior.

Na Vientiane door naar de vlakten der kruiken in Phonsavan. Deze mysterieuze kruiken zijn naar schatting 2000 jaar oud en niemand weet waar ze vandaan komen of wat ze zijn. Waarschijnlijk zijn het urnen, maar daar is nog steeds onderzoek naar. Verder zie je hier veel bommenkraters uit de tijd van de oorlog. Amerikanen mochten de bommen na Vietnam niet mee terug nemen en dus loosden ze deze maar boven Laos. Je mocht dan ook niet buiten het gemarkeerde pad lopen omdat er nog niet opgeruimde explosieven lagen.

De dag erop zijn we gelijk doorgegaan naar Luang Prabang. Wederom door de bergen gereden, een schitterende route, maar erg bochtig wat kennelijk veel locals niet echt kunnen verdragen. Er worden in de bussen ook standaard plastic zakjes uitgedeeld, niet voor het afval, maar voor als je over je nek gaat. Langs de kant van de weg zie je de mensen zich in kleine beekjes wassen en lokale boeren een hanengevecht houden. In de bus stond ook een jongen met een AK47, een oud russisch geweer. Later kwamen we erachter dat deze gebruikt worden om met losse flodders (hopen we) de horde koeien op te jagen. Wel vreemd als je zo een ding in je rug voelt prikken!

Luang Prabang is een leuk idyllisch dorpje, maar redelijk toeristisch. We hebben hier een aantal tempels bezocht en weer even lekker een paar dagen onze rust gepakt. Ja ja, soms is reizen echt vermoeiend

Wink
.
We zijn hier ook naar een fantastische waterval geweest. Het water was turquoisekleurig, echt schitterend. Hier hebben we lekker een verfrissende duik genomen alvorens we weer doorgingen naar het volgende dorp.

En dat dorp was Muang  Ngoi Neua. We zijn hier met een 7 uur durende boottrip naartoe gegaan. We blijven het zeggen, maar wat is Laos toch mooi. Wat een schitterende natuur! Limestone karstgebergte, jungle, rijstvelden, super! Aan de kant stonden steeds gillende kinderen te zwaaien en te roepen en halverwege de route stopte de kapitein met varen om zich te wassen in de rivier. Even later zagen we een gestrande boot met andere reizigers die dezelfde richting op moesten. Hun bootje was lek, dus kwamen ze bij ons in de boot. We waren met zijn allen net niet zwaar genoeg om te zinken, dus dat kon gewoon. Muang Ngoi Neua is een ontzettend leuk dorpje en eindelijk met weinig toeristen. We hebben hier verschillende trekkingen gedaan door jungles, beekjes en rijstvelden. Zo nu en dan kom je dan bij een dorpje uit, wat bestaat uit zand, houten bamboehuisjes op palen en heeeeeeeeeeeel veel kinderen die allemaal met je willen spelen. Hier zijn we natuurlijk wat langer blijven hangen en hebben lekker met de kids gespeeld. Erg leuk, want wat zijn ze allemaal enthousiast!! Ondanks dat ze met gaten in hun kleren lopen, dagelijks een beetje droge rijst eten en geen stromend water hebben om zich te wassen zien ze er zo gelukkig uit, dat ontroerde ons wel.

Vanuit dit fantastische dorpje met zulke lieve, leuke mensen, via een hobbelige bochtige weg (soms ook gewoon geen weg) naar Luang Namtha gereden. Eerst nog een mooie bootrit van een uurtje, waar de kapitein zijn avondeten uit het water pakte...een dikke dode vis! Ook werd iedereen kletsnat van het tegen de stroming in varen. Dit keer hield ook Saar het niet uit tijdens de busrit, en moest ook zij het plastic zakje gebruiken. Het was ook gewoon zo'n rotrit! Kennelijk ook iets verkeerds gegeten, want daarna was ze nog steeds een aantal dagen ziek. Verdorie! Om de rit nog wat erger te maken sloeg er een fransman door het lint, omdat hij het idee had dat de buschauffeur ons oplichtte. In Laos worden de busstations namelijk 7km buiten de stad gebouwd, zodat je daar vandaan een tuktuk naar de stad moet nemen. Dit pikte de Fransman niet en begon dus een hoop kabaal te maken. Uiteindelijk is hij toch in de tuktuk gestapt, onder het motto ' ik betaal toch maar 5000 kip ipv de 10.000 kip die zij willen'. Ter verduidelijking, 10.000 kip staat gelijk aan 80 eurocent. Eenmaal in het centrum wilde hij dus maar 5.000 kip geven. Dit pikte de chauffeur natuurlijk niet en hij bood aan om naar de toeristenpolitie te gaan. Dit is de beste oplossing, omdat zij vaak neutraal blijven, alleen zag de Fransman dat eerst niet in. Hij maakte de grootste fout die je in Zuid-Oost Azie kan maken, hij begon te schreeuwen. Je stem verheffen wordt hier als gezichtsverlies beschouwd, alleen dan gezichtsverlies voor diegene waar het schreeuwen tegen gericht is. Iets ergers kan in hun ogen bijna niet gebeuren. De tuktuk-driver werd dus pislink (zonder stemverhef overigens)! Op dit moment zag Jor ook in dat de situatie uit de hand liep en sprong dus tussen beide. Tuktuk-driver kalmeerde weer, tot de Fransman weer weg wilde lopen en weer begon te schreeuwen. Nu liep de beste man naar zijn tuktuk en kwam terug met een flinke steeksleutel. Nu moest Jor er wel tussenspringen, anders had het helemaal verkeerde afgelopen. Op wonderbaarlijke wijze zag de Fransman op dit moment ook wel in dat de toeristenpolitie nog niet zo een slecht idee was

Cool


Door het ziek zijn ook geen trekking kunnen doen in Luang Namtha, terwijl hier een heel mooi nationaal park schijnt te zitten. We hebben wel weer een motorbike gehuurd en zijn in de omgeving rond gaan rijden (jaja, we worden echte motorfans!). Soms moeten we wel oppassen voor al het overstekende vee (buffels, kippen, honden en zelfs slangen) levensgevaarlijk! Onderweg zijn we nog gestopt in een bergdorp waar vroeger de grootste opiummarkt ter wereld was.

Met heel veel tegenzin, omdat we zo gek zijn geworden op Laos, en bang dat Thailand nu tegen zou vallen, hebben we Laos wegens ons verlopen visum achter ons moeten laten. Waar Laos één grote boerderij is waar je om 5 uur 's nachts wordt gewekt door de hanen (die hier trouwens echt iets aan hun stembanden hadden, wat een geluid!) en de wegen soms echt alleen maar zandweggetjes zijn, is Thailand een stuk welvarender/ moderner met goede, geasfalteerde wegen en veel stenen huizen. Maar kennelijk kun je van meerdere landen gaan houden, want ook Thailand bleek geweldig! Direct na de grensovergang werden we al direct gek van de tuktuk-chauffeurs die je lastig vallen met hun ritjes en je zelfs voor een rit van 10 meter nog een oor aan proberen te naaien. Maar buiten deze opdringerige mensen is het echt super. Al direct kwam er een Thaise vrouw voorbij rijden met een pick-up truck die ons een lift aanbood naar het busstation. Bij het busstation aangekomen piepten we gauw nog even de seven eleven (supermarktbranche in Thailand) in. Dit hadden we in Laos wel gemist, gewoon weer lekker westerse dingetjes. In de seven eleven kwam ineens een man binnenlopen die ons met de backpacks had gezien en zich afvroeg of wij met de bus naar Chiang Rai wilden. Hij kwam ons even waarschuwen dat de bus over 5 minuten al wegging, maar dat hij tegen de buschauffeur zou zeggen dat hij even op ons moest wachten! In de bus zelf kregen we mandarijnen en chocolade aangeboden, dus onze dag kon niet meer stuk! Thailand, here we are!

Vanuit Chiang Rai zijn we met de boot naar een nabijgelegen plaatsje (Khiaw Wauw Dam) gegaan, waar we twee nachten zijn gebleven. Van hieruit zijn we zelf de jungles in gaan trekken en hebben we wat hilltribe villages bezocht. De eerste dag dat we gingen trekken hadden we niet genoeg water meegenomen en na tien kilometer lopen in de brandende zon en dertig graden plus kwamen we dorstig aan in een heel klein dorpje. Hier konden we dan ook geen winkeltje vinden en we vroegen de lokale bevolking of zij iets wisten. Met handen en voetenwerk (zij konden natuurlijk geen Engels en wij geen Thais) nodigden zij ons uit bij hen binnen te komen en wat met hen te drinken. Glazen water (met mieren), fruit en koek werden ons aangeboden. Wat een gastvrijheid! Met een goedgevulde maag konden we weer verder.

Afgelopen zaterdag door naar Chiang Mai waar we met Anouk (kennis uit Hoogmade) hadden afgesproken. Toevallig ging zij ook reizen en we zouden elkaar ontmoeten in Chiang Mai. Samen met Anouk zijn we de stad een beetje wezen verkennen, hebben we een aantal tempels bezocht (hele oude tempels, die er gloednieuw uit zien..).  En de zaterdagavond was rijkelijk gevuld met een reeks Muay Thai bokswedstrijden. Vanaf onze VIP plekken hebben wij zeven bokswedstrijden mogen aanschouwen. Eerst twee ventjes van een jaartje of 12, daarna de oudere generatie, wat er direct ook een stukje harder aan toe ging. De 5e wedstrijd die we zagen bestond uit een drietal boksers die geblinddoekt waren. Met een blinddoek op sloegen ze elkaar in het wilde weg. Ook de scheidsrechter bleef niet ongedeerd en kreeg een paar flinke klappen te verduren.

In een doornormale travelagency bekeken we gistermiddag een map waar ze hikes met gids aanbieden. Het leek ons misschien leuk om via een georganiseerde tour een hike te doen. Na een hike van 3 dagen vonden wij een arrangement wat in de verste verte niet op een normale hike lijkt. Ze arrangeren namelijk dames die je in verschillende stappen en geheel naar keuze een leuke avond kunnen bezorgen. We zetten de foto straks op de site. Dat is trouwens wel weer een flinke omschakeling van Laos naar Thailand. Al het sekstoerisme. Je ziet ontzettend veel ladyboys en prostituees en Jordi krijgt dan ook regelmatig (met of zonder Saar aan zijn zijde) verschillende diensten aangeboden. Negen van de tien keer lach je erom, maar niet als er een meisje van nog geen zes jaar oud aan Jordi 'Fucky fucky?' vraagt. Dat gaat toch wel erg ver!

Gistaravond hebben we weer een heerlijke echte Italiaanse pizza op en warme appeltaart met ijs, dus we zijn helemaal verzadigd. Morgen gaan we een Thaise kookcursus doen, erg veel zin in. Nu weer lekker het zonnetje in en genieten van de omgeving!

Veel liefs iedereen en we zien weer met plezier jullie reacties tegemoet!

Jor en Saar

Van de Thaithai-poppen naar de Laotiaanse kerstmannen

Sabaai-dii Hollandia!

Vanuit een fris Laos weer even een nieuwe update.. Werd wel weer eens tijd hè. Fris? Ja, fris. Ook hier is het ‘koude' seizoen aangebroken (lees: 25 a 30 graden en oke, ‘s avonds iets frisser) en de locals lopen dan ook zonder te overdrijven regelmatig in dikke vesten of winterjassen en dragen mutsen en handschoenen. ‘s Avonds koelt het flink af, maar mutsen en handschoenen? Ach ja. Ook het Nederlandse winterweer is ons niet ontgaan. Toen wij laatst een kijkje namen op de website van ‘Spitsnieuws' lazen wij 9 van de 14 artikelen die gingen over de enorme, maar dan ook ENORME verkeersoponthoud.. Wat zijn wij dan blij dat wij in Laos zijn.

Ons laatste verhaal is alweer een poosje geleden, op de dag dat we naar Bangkok vlogen. Eenmaal geland liepen we naar de informatiebalie om te vragen of er bussen naar de backpackersstreet Ko San Road zouden gaan. Hier troffen wij onze eerste ladyboy. Hoewel je weet dat deze mensen veel rondlopen in Thailand, schrik je toch even. ‘s Avonds spraken we af met Floris (vriend) waarmee we zouden reizen tot Jan en Tineke (ouders Saar) zouden komen. Het reizen vertaalde zich in: 5 dagen op Ko Samet op het strand zitten met cocktails, fruitshakes, strandtentjes, lekker eten, boeken lezen en bijkletsen.

Drie december kwamen Jan en Tien aan. Heerlijk om ze weer te zien na zo'n tijd. We verbleven bij hen in een heerlijk luxe hotel, met lekker ontbijt, warme douche, schoon bed en airconditioning. Dat waren we niet meer gewend! Jan had het hotel uitgezocht en had op internet gelezen dat het bij een gezellige straat zat; de Cowboystreet. Nu mogen jullie raden wat voor straat dat was.. De rose buurt in Amsterdam is er niks bij.

Als verrassing hadden ze (jaja) pepernoten, kruidnoten, suikermuisjes en drop meegenomen! Smullen! Konden we toch nog een beetje Sinterklaas vieren. De eerste dagen verbleven we in Bangkok en deden we hier uitstapjes naar onder andere het Royal Palace, een grote weekendmarkt en een shopping mall. Verder zijn we een dagje naar Ayutthaya geweest. Hier vind je een historisch park waar je eeuwenoude tempels kunt bezoeken. Dit was erg mooi. We huurden hier een fiets om van tempel naar tempel te gaan. Uiteraard wilde Jan een duurdere 'goede' fiets. Ware het niet dat zijn stuur los zat wat de meest lachwekkende situaties opleverde.

Na Bangkok gingen we naar Ko Samui, een eiland, waar we wederom verbleven in een heerlijk resort aan het strand. Deze week Ko Samui bestond eigenlijk vooral uit massages (hier wel heel lekker!), strand, cocktails (hetzelfde als met Floris eigenlijk). Vooral relaxen en gezelligheid dus. Het viel dan ook wel weer zwaar om afscheid te moeten nemen!

Na Ko Samui teruggekeerd naar Bangkok, omdat we moesten wachten op onze visa voor Laos, dus bezochten we een floating market. Hier ga je in een roeibootje de markt af. Allemaal drijvende winkeltjes, grappig om te zien, maar erg toeristisch. Onze stuurman maakte onze dag goed. De beste man wilde ons, na het zien van de markt, een stuk natuur laten zien waar verder geen mensen waren (achteraf maar goed ook). Na een klein stukje varen (wij genoten nog steeds van de natuur) zag de lieverd een stuk fruit in de boom hangen. Wat lief dat hij dat voor ons wilde plukken! En ja je voelt hem al aankomen.. Hij moest op z'n tenen staan om het fruit te plukken en verloor z'n evenwicht. PLONS! Onze dag weer goed.

De volgende dag gingen we met de trein naar Kanchanaburi waar we de brug over de River Kwai gingen bekijken en hierna naar de tijgertempel wilden omdat je daar (je raad het nooit) tijgers kon zien. Je kon zelfs met ze knuffelen. Maar onderweg naar de brug kwamen we een marktje tegen waar je ook al als voorproefje met een tijger op de foto kon en toen we die tijger zagen kregen we allebei een brok in onze keel. Die tijger was zo gedrogeerd dat z'n ogen ervan ronddraaiden en helemaal rood doorlopen waren. Tsja, anders kun je natuurlijk niet met een tijger knuffelen.. Wij hebben besloten de tijgertempel niet te bezoeken.

22 December gingen we met de nachttrein naar Laos (hier kunnen we een visum regelen zodat we over een maand 2 maanden in Thailand kunnen blijven). Je kan kiezen tussen eerste, tweede en derde klas en dan kun je nog kiezen tussen lig- of zitplaatsen. Zes mogelijkheden dus. Wij kozen voor derdeklas zitplaatsen. Hadden ons voorbereid op een nacht niet slapen, maar wilden gewoon graag met de lokale bevolking mee reizen. Een korte impressie: Bij binnenkomst werden we door iedereen vol bewondering aangekeken. Jullie westerlingen hier in deze trein? Om de vijf minuten werden we overspoeld door hawkers die van alles willen verkopen. Van hond op een stokje tot lichtgevende discoballen. De trein zat vol met gillende kinderen, mensen die op de grond slapen en al het etenswaar wat de locals meenemen/ kopen in de trein. Prullenbakken zijn onvindbaar in de trein, al het afval wordt door iedereen uit het raam gegooid.

Eenmaal aangekomen in Laos namen we de sawngthaew naar Champasak. Ter verduidelijking; een sawngtaew is een soort vervoersmiddel dat behoort tot het openbaar vervoer en veel gekozen wordt door de locals. Het is een soort overdekte pick-up truck met twee bankjes waarvan je je afvraagt hoelang hij nog mee zal gaan. Het starten gaat vaak pas na 5 keer proberen en een keertje aanduwen en als je denkt dat het voertuig nu toch echt vol zit, kan er altijd nog wel zo'n 50% extra bij.

En dan zit je de ene keer naast een vrouw die haar kind borstvoeding geeft en steeds met haar borst je arm streelt (Jordi) en de andere keer zit er een klein meisje naast je die haar buikje vol heeft van alle steamed rice en mais en besluit het eruit te gooien (Sharon). Toch was het een geweldige ervaring, want zodra je ‘Sabaai-dii' zegt, wat ‘hallo' betekent in het Lao, beginnen ze allemaal in het Lao tegen je te praten en probeer je er met een 'ehh sorry, but I don't speak Lao' vanaf te brengen. Daarna is het meestal lief naar elkaar lachen en knikken, snoepjes uitdelen (of in Sharon haar geval wc-papier) en kennelijk meer dan eens uitgelachen worden, omdat je nou eenmaal toch een kaaskop hebt.

In Champasak hebben we een hele oude tempel bezocht, de Wat Phou. Indrukwekkend, maar haalt het uiteraard bij lange na niet bij de Angkor tempels in Cambodja.  

Na Champasak besloten we naar de Four thousand islands te gaan en hier kerst te vieren. We begonnen op het eiland Don Khong en zijn eerste kerstdag om 6 uur opgestaan om een prachtige zonsopgang te bekijken aan de Mekong. Hierna hebben we ons lekker teruggetrokken in het hotel om boeken te lezen en films te kijken (we hadden een erg fijne hotelkamer geboekt omdat het kerst was). ‘s Avonds heerlijk gedineerd aan de Mekong. Tweede kerstdag zijn we naar het andere eiland gegaan, Don Khon die via een brug verbonden is aan Don Det. Hier hebben we een hele mooie fietstocht gemaakt door een hele mooie natuur, veel jungle en een waterval! En op dit eiland bekeken we (op een stuk fraaier tijdstip dan eerste kerstdag) de zonsondergang. Prima kerst dus!

De volgende dag besloten we om naar Tha Khaek te gaan en hier te overnachten alvorens we naar Ban Khoun Kham zouden gaan. We boekten bij een travelagency de reis naar Tha Khaek, omdat het toch een beetje ver rijden was om in een oncomfortabele bus te zitten. De reis was tot halverwege volgens planning verlopen. Toen werden we ergens bij een verlaten busstation gedropt met 100.000 kip in onze hand gedrukt (=8 euro), en mochten we verder zelf met het lokale vervoer naar Tha Khaek. Dit was een bus waarbij je geen haast moet hebben. Om de paar minuten een stop om mensen op te pikken en een keiharde karaoke-dvd. Wederom was de bus propvol met mensen, maar ook met spullen waarvan je nog een keertje extra je hoofd omdraait en bij jezelf denkt: 'Wat staat er nu weer in de bus?' Inmiddels waren we gewend aan veel zakken rijst en ander voedsel. Levende kippen werden ook al regelmatig meegenomen, maar een motorbike midden in het gangpad?!

De ochtend daarna, nog steeds geschokt door wat we in de bus allemaal hadden gezien, gelijk met de bus door naar Ban Khoun Kham. Hier hebben we een motorbike gehuurd en zijn we via een supermooie route naar Lak Sao gereden en weer terug. Honderd kilometer lang alleen maar natuur, bossen, maar ook limestone karstbergen en authentieke Laotiaanse dorpjes. Jor heen, Saar terug. De terugweg duurde korter. :-)

‘s Avonds werd ineens op onze kamerdeur geklopt door de hostess die iets zei over een ceremonie en dat we snel moesten komen, dus wij volgden maar. In de gezamenlijke ruimte zat een hele familie, zo'n 20 man, op de grond rond een tafel met eten. Eén man vertelde een verhaal in het Lao en vervolgens kregen we allemaal een touwtje om onze pols. Na een poosje goed luisteren naar wat de man zei bleek elke zin steeds te eindigen met 'money, money' dus vroegen we nog een paar touwtjes extra ;-) Bij later navragen bleek het een Buddistische ceremonie te zijn, die bij elke speciale gelegenheid wordt gevierd, en waarbij je geluk en voorspoed wordt gewenst. Er was een baby in ons midden waarbij de polsjes, enkeltjes en het nekje vol zat met touwtjes, de toekomst. 

Gisteren zijn we naar Thom Kong Lo grotten geweest. Geweldige ervaring. Veel stalagnieten en -tieten gezien in een 7 km lange grot. Regelmatig het bootje aan moeten duwen, omdat deze steeds op de stenen vast kwam te liggen. Wat een avontuur! We waren blij dat we een zaklamp mee hadden genomen, want we zagen geen hand voor ogen (logisch in een grot).

Vandaag aangekomen in Vientiane, de hoofdstad van Laos. Hier zullen wij morgen oud en nieuw vieren! Wij wensen jullie allen dan ook een fijne jaarwisseling toe en maak er een geslaagd feestje van, dan doen wij dat ook!

Veel liefs,

Jordi & Sharon 

Ps. Tijdens het uploaden van de foto's is de computer uitgevallen, waardoor de fotoserie niet helemaal compleet is.

  

Zalig kerstfeest en een voorspoedig nieuwjaar!

Lieve vrienden, familie, kennissen en alle andere trouwe fans van onze reisblog (zelfs collega's van ouders, buren, oud-buren enzovoorts, ongelooflijk, echt super!)  

Wij wensen iedereen een heel zalig kerstfeest en een spetterend oud & nieuw! Op het moment zitten wij in Thailand, maar de feestdagen zullen wij doorbrengen in Laos. We weten nog niet precies waar, maar we maken er gegarandeerd een feestje van!

Veel liefs

Jor & Saar

Same Same, but Different

Dag lieve luitjes!!

Hier weer een berichtje! Inmiddels zitten we al 12 dagen in Cambodja. Een heel mooi land met een boeiende cultuur. Het eerste wat we zagen was een mannetje van een jaar of 10 met een sigaret in zijn mond, die zich uit stond te sloven voor een groep naderende toeristen. Verder worden we inmiddels knettergek van alle motorbikes en tuk tuk drivers die je al bijna aanvliegen als je nog in de lobby van je guesthouse staat. En we hebben superveel wilde apen gezien!! Maar goed, eerst nog even onze laatste ervaringen in Vietnam!

Hoe verder we in Vietnam naar het Zuiden reisden, hoe vriendelijker de bevolking werd. De mensen waren in het Zuiden een stuk opener naar toeristen toe en hadden niet zo'n gemene, agressieve blik in hun ogen als sommigen in het Noorden. Na Hanoi reisden we samen met Suzel (Canadees meisje die we in Halong Bay hebben leren kennen) via Hue, een historisch oud plaatsje waar we een paar uurtjes hebben rond gelopen, naar Hoi An. Dit is een badplaatsje waar je eigenlijk alleen kunt shoppen en naar het strand kan gaan. Jordi liet hier 2 maatpakken maken en we hebben hier voor het eerst een motorbike gehuurd. Met de motorbike naar het plaatsje Danang gereden dat verwoest is door de tyfoon Ketsana. Alles was met de grond gelijk gemaakt en er lag nog veel troep. En de mensen leefden al zo primitief..

In Hoi An zagen we een vechtpartij tussen twee families, waarbij 1 man volledig zijn controle verloor en met messen begon te zwaaien. De oma van familie A probeerde de ruzie te sussen, maar ging zelf knock-out. We hebben niet vaak vechtpartijen gezien, maar als ze er zijn, gaat het er ook flink hard aan toe! Dezelfde avond zagen we nog een ander mooi Vietnamees ritueel: gezellig met zijn vieren vleermuizen en vogeltjes uit de boom schieten met een luchtbugs. De vogels worden of opgegeten of de volgende dag doorverkocht als geluksvogels. Weinig geluk voor de vogels dus...

Door naar het badplaatsje Nha Trang, waar de volgende dag tyfoon Mirinae aan zou komen. Zouden we dat ook weer eens meemaken! De tyfoon eiste in de Filipijnen een aantal levens, maar zodra hij in Vietnam aan zou komen, zou hij niet meer zo heftig zijn. Zolang we in ons hotel bleven, kon ons niks gebeuren. De volgende dag konden we inderdaad niet meer ons hotel uit, want dan stonden we tot onze heupen in het water. Reden te meer voor Jordi om zijn zwembroek aan te trekken en een lekkere frisse duik te nemen in de straat! Achteraf gezien best gevaarlijk met alle laag-/ loshangende electriciteitskabels. Zelfs de Vietnamezen vonden Jordi maar een gekke jongen en dat wilt wat zeggen..!

Naar rotweer, veel regen en harde windstoten, dus de volgende dag toch maar door naar een wat hoger gelegen plaatsje, Dalat. Een gezellig, mooi dorpje in de bergen. Eenmaal hier aangekomen werden we bijna besprongen door alle ‘easyriders'. Dit zijn in blauw geklede mannen die toeristen de omgeving willen laten zien van achterop hun motorbike. Dat leek ons wel wat! Een prachtige dag gehad met easyrider Ngiep en vriend, onder andere langs zijden plantages, koffieplantages en een rijst wijn (leek op tequilla) boerderij geweest. Jordi heeft hier nog een andere lokale specialiteit geprobeerd, slangenwijn. Dat wordt gemaakt door een aantal slangen te laten verteren in een glazen pot met rijstwijn. Verder reden we door stukken jungle, waarvan helaas bijna de helft is platgegooid door de Amerikanen met hun napalmbommen.

‘s Avonds afscheid genomen van Suzel en de volgende dag lekker naar Mui Ne, een heel mooie kustplaats met super luxe resorts (konden wij ons helaas niet veroorloven). Hier hebben we lekker 2 dagen gerelaxed op het strand (helaas door veel kwallen en megakrabben niet te veel in de zee geweest). Hier kwamen we Daniel en Esther tegen, een stel uit Zwitserland, die we tijdens de Halong Bay cruise hadden ontmoet. ‘s Avonds hebben we gezellig met hen, en een ander Nederlands stel uit Midden Beemster, een drankje gedronken.

Deze beide stellen deden in Saigon (onze volgende stop) aan couchsurfen. Dit is een internationale gemeenschap waarbij je 'je couch' kan aanbieden om te overnachten. De ideale manier om met de locals in contact te komen!! Dat vonden wij wel wat, dus namen wij ook een kijkje op de site (http://www.couchsurfing.org/), niet te weten dat we de volgende dag al terecht konden bij een jongen, genaamd Rain, wonend in Saigon. Dit was een topervaring! Rain woonde samen met zijn ouders en tweelingzusjes. Samen met Rain hebben we wat van de cultuur op kunnen snuiven. Zo aten we elke avond met de familie mee (vrouwen eten eerst, dan de mannen, dan ruimen de vrouwen af) en gingen we daarna meestal naar lokale bars/ clubs met wat vrienden van hem. Ook Sharon heeft een keer gekookt, vonden ze lekker (zeiden ze)...:-)

Aangezien Rain ook accountancy volgt, is Jordi een dag met hem mee geweest naar een college, een bijzondere ervaring. Daarna zijn we met alle klasgenoten van Rain gaan lunchen en hebben we lekkere loempia's gegeten!! Ook hier kon Jordi het niet laten om een lokale specialiteit te proberen, gestold varkensbloed. Varkenshersens, varkensbloed.. Nog even en Jordi gaat knorrend door het leven.  

Aangezien Rain niet op loopafstand van het centrum woonde, werden we geacht naar het centrum te gaan met de motorbike. Jordi kon de motorbike van Rain z'n moeder wel lenen. Eerst een keer ‘s avonds 'geoefend' in een toch iets te drukke straat, en toen dat eenmaal goed ging, mocht Jordi zijn final exam doen tijdens spitsuur. In Saigon wonen 8 miljoen mensen en hiervan hebben 5 miljoen mensen een motorbike. Gekkenhuis dus tijdens spitsuur. Verkeersregels zijn er niet, verkeerslichten kon je gewoon negeren en rechts inhalen gebeurde minstens net zo vaak als links inhalen. Maar Jordi is geslaagd, hij rijdt al als een echte Vietnamees. (Toch waren we wel blij met de bijzonder goede helms, die je wel vast moest houden, omdat hij anders bij elke hobbel van je hoofd af viel).

In Saigon zijn we verder nog naar de Cu Chi tunnels en naar het War Renants Museum geweest.  Erg indrukwekkend allemaal. Vooral de foto's in het museum. Hedendaags worden er nog steeds kinderen geboren met een handicap doordat er generaties voor hen vele mensen slachtoffer waren van napalmbommen.

12 November hebben we een boottocht gemaakt op de Mekong River, foto's liegen niet zeggen ze.. Maar in het echt was het dus nog mooier. Twee dagen daarna gingen we naar Cambodja. We begonnen in Siem Reap, om de Ankor Tempels te bekijken. Met een Tuk Tuk reden we door Ankor heen naar verschillende tempels. Erg indrukwekkende, oude tempels. Veel van de tempels die we zagen waren nog in de oude staat, wat het extra bijzonder maakte. Langs de weggetjes waar we reden zagen we voor het eerst wilde aapjes! ‘s Avonds aten we op een hoekje bij een lokaal tentje waar we vergezeld werden door een jonge dame van lichte zeden.

Vervolgens gingen we naar Battambang, omdat de boottocht door de Tonle Sap heel mooi scheen te zijn naar Siem Reap. In Battambang de Killing Caves gezien. Grotten waar mensen in werden gegooid door de Rode Khmer nadat ze neergeschoten waren. Tijdens de klim naar de Killing Caves werden we bekogeld met nootjes door wilde apen. Humor. Bovenin bij de Killing Caves werden we rondgeleid door een monnik.

De weg naar en van de Killing Caves was fantastisch! Een enorm hobbelig weggetje in de tuktuk en alleen maar mensen en kinderen die het schitterend vinden om toeristen te zien. Ze zwaaien en roepen heel enthousiast. Kinderen die naar de weg toe rennen zodra ze ons aan zien komen, super schattig! De volgende dag op de boot naar Siem Reap.. Het begon heel bewolkt, dus besloten we de zonnebrand in de backpacks te laten zitten.. Hadden we beter niet kunnen doen, want om een uur of 11 begon de zon flink te schijnen, en na 2 uurtjes waren onze gezichtjes omgetoverd tot ware trostomaatjes, zo rood. Saar de volgende dag een dikke lip en Jordi z'n vervelde huidje hing vredig aan zijn trostomatenhoofdje te bungelen.

Op de boot Wouter ontmoet, een jongen uit Tilburg. Met hem de kamer gedeeld in Siem Reap en aangezien wij daar al eerder waren geweest, konden wij hem mooi rondleiden door het centrum. Heel gezellig. Samen met Wouter bezochten we een weeshuis, waarvan wij een aantal dagen eerder een foldertje in onze handen kregen gedrukt. Na een heuze speurtocht richting het weeshuis, eindelijk aangekomen rond lunchtijd. Hier stonden circa 10 kinderen van rond de 5/6/7 jaar oud ons op te wachten en trokken ons aan onze armen mee naar binnen. Heel enthousiast lieten zij hun ‘huis' zien. Ik weet niet waarom, maar we verwachtten een stuk groter huis dan het was. Alles was nog zo armoedig.. Er wonen 35 kinderen, waarvan 18 meisjes. We hebben de meisjesslaapkamer bekeken en deze kamer was slechts 5m x 3m groot, met een 2 persoonsmatras op de grond en een 2 persoonsbed, welke gedeeld moeten worden met 18 meisjes. Twee personeelsleden zijn 24 uur per dag aanwezig en slapen op het kantoor. De kinderen lieten ons zien hoe zij met hun blokken speelden. Met z'n vijftienen speelden ze met 2 spellen. Allemaal dol enthousiast om met ons samen te spelen. Na een uurtje kwam Sergio (een Hollander die daar vrijwilligerswerk deed) en die vertelde ons dat de oudere kinderen op het moment aan het optreden waren voor belangrijke mensen van de overheid. Toen we aankwamen waren zij nog niet begonnen. De kids stonden al vanaf 8 uur in hun mooie pakjes en met hun prachtig opgemaakte gezichtjes te wachten tot de ‘belangrijke mensen' zouden komen. Deze mensen kwamen helaas pas om 14:00u aankakken. De kinderen konden nu eindelijk hun ingestudeerde khmer dansen laten zien. Op deze manier komen ze aan wat geld om naar school te kunnen en het weeshuis draaiende te houden. Het dansen deden ze trouwens echt heel goed, was echt mooi om te zien. Toen we weggingen vroegen ze ons of we alsjeblieft nog een keertje terugkwamen, maar onze vlucht vertrekt vandaag naar Bangkok, dus dat gaat helaas niet meer lukken. De website is http://www.cofco.wordpress.com/ maar omdat zij daar geen beschikking hebben over internet, staat er nog niks op de website. Misschien dat we na Thailand nog terug gaan om ons steentje bij te dragen.

Na Siem Reap doorgegaan naar Phnom Penh. Hier vanuit wilden we eigenlijk naar de jungle in Mondulkuri, maar net op tijd zagen we op internet dat het een ontzettend lange, oncomfortabele rit zou zijn en dat de helft van de jungle is gekapt, wat de jungle ineens een stuk minder aantrekkelijk maakte. Dan maar een aantal dagen in Phnom Penh blijven en nog 2 dagen naar het strand in Sihanoukville.  In Phnom Penh bezochten we het Tuol Sleng museum. Dit was een hogeschool, maar in 1975 is deze school overgenomen door de Rode Khmer die er een gevangenis en martelkamer van maakten. Mensen zaten hier soms met z'n tweeen in een cel van 2 bij 0,8 meter vastgeketend aan ijzeren kettingen. Er hangen daar verschillende foto's van martelingen en van elk slachtoffer zijn foto's gemaakt voor de marteling en van sommigen ook na de marteling. Vreselijk! Ontzettend indrukwekkend, gruwelijk.

Na Tuol Sleng werden de slachtoffers naar Choeung Ek gebracht, waar ze werden vermoord. Beter bekend als de Killing Fields. Hier zijn wij de dag erna naartoe geweest. Zelfs vrouwen, kinderen, baby's werden vermoord. Op de foto's zie je ook een boom waar kinderen tegenaan geslagen werden. Echt misselijkmakend. Op het moment van schrijven wordt een van de verantwoordelijke voor deze gruweldaden berecht, zie

http://www.metronieuws.nl/index.php?actie=nieuws&c=1&id=174766

Nog steeds nadenkend over alle indrukken die we de afgelopen 2 dagen hadden meegemaakt gingen we naar Sihanoukville. Een strandplaatsje waar we even lekker hebben gerelaxed. We hebben fietsen gehuurd en zijn lekker over hobbelweggetjes en landweggetjes gaan fietsen. Heel leuk plaatsje, waar wederom de mensen weer erg vriendelijk zijn. We zaten hier in een heel leuk houten bungalowhuisje. Zijn helaas vergeten een foto te maken. :-)

Gisteren hebben we een massage genomen bij masseurs die blind zijn. Een relaxationmassage.. Leek ons wel lekker. Niet dus. Alle kracht wat niet meer in de ogen zit, zit dus wel in de handen. De massage was best pijnlijk en nog steeds kunnen onze spiertjes de harde klappen en ellebogen niet verdragen. Dat moeten we in Thailand maar even over doen dus!

Straks de vlucht naar Bangkok waar we vanavond af hebben gesproken met Floris, die toevallig ook aan het reizen is op het moment! Benieuwd wat Thailand ons gaat brengen. Zouden we nu eindelijk van de tuktuk en motorbike aapjes af zijn of wordt het alleen nog maar erger..? Volgende week komen Sharon d'r ouders, daarna horen jullie weer wat van ons!!

Blijft leuk om te vragen: Hoe is het weer in Nederland???

Lieve groetjes vanuit Cambodja!